Boekgegevens
Titel: De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Auteur: Crüger, F.E.J.; Steyn Parvé, Daniel Jan
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1136 E 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203454
Onderwerp: Natuurkunde: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 28 --
tuurverschfjnselen aanschouwelijk genoeg ophelderen, en men
moet daarom waarschuwen voor eene weelde in het doen van
proeven, die zonder noodzakelijkheid het kunstige boven het
eenvoudige en gewone stelt. Men zoude meer van de natuur-
kunde leeren, wanneer men van den eenen kant zich meer
onafhankelijk wist te maken van de instrumenten, en van
den anderen kant niet trachtte de noodzakelijke toestellen
door beschrijving of afteekening te vervangen."
Tegenover deze algemeene gezigtspunten, volgens welke de
leerstof eene beperking zoude ondergaan, kunnen, als tegen-
stelling van eene al te groote beperking, of van een op den
voorgrond stellen van enkele hoofdstukken, waarvoor men
eene zekere voorliefde heeft, de volgende eischen voor eene
populaire natuurkunde gesteld worden.
1
I. Op den voorgrond stellen van de luchtverschijnselen.
Hoe meer alledaagsch de afwisseling van het weder is, des
te dringender moet men vorderen, dat ieder onder het volk
ook een helder begrip hebbe van hetgeen daarbij plaats grijpt.
„Die mensch staat op zeer lagen trap," — hetzij ons ver-
gund hier eene uitspraak van Fichte aan te halen — „ wien
het onverschillig is, of hij, van hoe weinig belang de zaak ook
zijn moge, dwaalt, of met de waarheid bekend is." Daarom
moet eene plaats ingeruimd worden aan al datgene, zonder
hetwelk eene verklaring der luchtverschijnselen onmogelijk ia.
Zoo zoude bijv. de volksschool met de leer van de wrijvings-
electriciteit niets te maken hebben, zoo niet het onweder een
electrisch verschijnsel ware.
n. Het acht slaan op de in het dagelijksche leven
dikwijls voorkomende werktuigen en van de in
het oogvallende toepassingen,
in zooverre zij niet tot de technologie behooren. Men moet
niet leeren voor de school of voor hare toestellen, maar voor
het leven; do natuurkunde moet echter niet de werkplaats
van den werktuigkundige en den technicus doorwandelen,
en evenmin de constructie der spinmachines en weefstoelen