Boekgegevens
Titel: De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Auteur: Crüger, F.E.J.; Steyn Parvé, Daniel Jan
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1136 E 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203454
Onderwerp: Natuurkunde: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Vorige scan Volgende scanScanned page
147
zuur; docli in do ruimte daarom hoen, waarin de kopere'ii
cilinder zich bevindt, komt kopervitriool, dat in elke apo-
theek te krijgen is, on voor het gebruik in water moet wor-
den opgelost. Voor de electrische telegrafen verbindt men
gewoonlijk vijf en twintig of meer zoodanige elementen, door
steeds den draad, die van den kopercilinder van het eene
glas komt, vast te schroeven aan den draad, die van het
zink van een tweede glas komt, en dien van het koper van
het tweede glas aan het zink van een derde, enz. Vervaar-
digt men slechts een enkel element, dan vertoont dit, als
men de uiteinden der draden bij elkander brengt, noch eene
duidelijke vonk, noch andere in het oog vallende werkingen.
Daarom kan het zamenstellen van zulk een element voor het
doel, dat wij er ons mede voorstellen, niet raadzaam zijn.
Verreweg te verkiezen, en bijna tweemaal zoo sterk als
een koper - zink - element, is een zink - kool - element, dat men
goedkoop op do volgende wijze kan vervaardigen. Men neemt
gewone cohe, zoo als zij ook wol tot verwarming gebruikt
wordt, en stoot zo tot poeder; dit poeder schudt men in een
schoteltje, bevochtigt het met wat sterk salpeterzuur, dat in'
elke apotheek te krijgen is, en schudt het dan in den poreusen
beker. Vervolgens neemt men een vast stuk coke, omwindt
het van boven stevig met een koperdraad, waarvan een stuk
ter lengte van een voet vrij moet blijven, en drukt dit stuk
coke in het poeder in den beker. Om den beker plaatst men
een zinkcilinder, waaraan een koperdraad gesoldeerd is, even
als boven is aangewezen, en schenkt verdund zwavelzuur in
de ruimte tusschen den beker en het glas. Brengt men nu
de beide van het zink en de coke komende koperdraden bij-
één, dan zal men terstond eene heldere, kleine, maar levendige
vonk waarnemen, daar, waar de draden bijeengebragt worden.
Eene hoofdvoorwaarde hierbij is, dat deze plaatsen, waar de
draden elkander aanraken, telkens als het element weder ge-
bruikt wordt, op nieuw worden afgeschuurd; een zeer ge-
ring, voor het oog naauwelijks merkbaar laagje, dat zich aan
het metaal heeft afgezet, verhindert den overgang der elec-
triciteit van den eenen draad tot den anderen. Bij het uit
elkander nemen van het element moet men de voorzorg ne-
10*-