Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
deelen in die ruimte zich tegelijk kunnen bevinden , blijkt
ook wanneer wij er een ligchaam indompelen-, de waterdeelen
wijken dan ter zijde, hetgeen zich het duidelijkst vertoont,
als wij er fijn poeder, asch bijv., op gestrooid hebben; de
aschdeelen , die op het water rusten, gaan dan zigtbaar
naar den kant. Ook wanneer het water troebel is, kunnen
wij enkele deelen in hunne beweging met het oog volgen.
Maar alle twijfel wordt weggenomen, als wij een glas tot
aan den rand volschenken, en er dan nog eenige kleine
ligchamen, stukjes geld bijv., in brengen. Doen'wij dat
schielijk, zoo loopt het water over; maar ook al gaan wij
daarbij zeer behoedzaam te werk, zoodat er geen water uit-
loopt, zoo zien wij toch dat het water rijst, en tot eene
merkbare hoogte boven den rand bol gaal staan. Dat het
zelfs voor nog kleiner ligchaam, hetwelk er in gebragt wordt,
wijkt, kunnen wij zien, wanneer wij water gieten in een
lleschje met een' zeer naauwen hals, en het er zoo ver mede
aanvullen totdal het in den hals slaat; brengen wij er
dan bijv. een klein steentje in, zoo zal het uitwijken van
de waterdeelen, die voor het steentje plaats maken, hier-
aan blijken, dat het water hooger gaal staan in den hals
van het fleschje. En omgekeerd leert ook de proef, dat
in water 'twelk niet uitwijken kan, een ander ligchaam niet
kan ingebragt worden, vermits het water dan zeer krach-
tigen tegenstand biedt, zoodat zelfs de vrij dikke wanden
van een kanon bezweken, zoodra men het daarin opgeslo-
ten water tot op minder dan van de ruimte die hel oor-
spronkelijk besloeg, wilde zamenpersen.
Het is dus zeker, dal water, niet minder dan steen, een
ligchaam is; en van andere vochten, zoo als bier, wijn,
olie, azijn, blijkt dat op dezelfde wijze, als wij er soort-
gelijke proeven op doen.
Er zijn nog veel Cjnere sloffen dan water, die insgelijks«
den naam van ligchamen verdienen. Daartoe behooren lucht
en andere dergelijke zelfstandigheden die, omdat zij met de
lucht veel overeenkomst hebben, den naam dragen van
luchtsoorten; men noemt ze anders gewoonlijk gassen.
Lucht kan zigtbaar gemaakt worden oji meer dan eene
wijze. Wanneer wij eene spons, zonder ze te knijpen, in eene