Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
_ IJO^ _
proef' aclitervolgens drie veranderingen plaats gegrepen:
eerst eene scheiding, daarna eene verbinding, en eindelijk
is het zamengestelde ligchaam, terwijl het zich vormde,
dadelijk in het vocht opgelost. Hetgeen hier gebeurt, heeft
ook in vele andere gevallen plaats. Wanneer wij bij een
ligchaam, dat uit twee stoffen is zamengesteld, een derde
voegen, gebeurt het dikwerf, dat een van de twee be-
standdeelen het ander loslaat, en zich met het derde lig-
chaam verbindt. Het bijvoegen van die derde stof is dan
een middel, om het ligchaam in zijne ongelijksoortige be-
standdeelen te scheiden, en een dier bestanddeelen afzon-
derlijk le verkrijgen.
Is het bloote bijeenvoegen niet toereikende om die
scheiding te bewerkstelligen, zoo gelukt het dikwijls, als
men de zamengevoegde ligchamen verwarmt. Stoffen die
koud geene werking op elkander hebben, werken dikwerf
wel op elkander, als ze heet zijn. Een belangrijk voor-
beeld daarvan hebben wij in water en ijzer. Wanneer men
in eene ijzeren of aarden buis ijzerdraad of ijzervijlsel doet,
de buis in eene kagchel legt, en gloeijend stookt, en er
den stoom van water doorheen drijft, verandert het ijzer
in die stof, welke wij als ijzerroest kennen, en te gel ijker
lijd verkeert de waterdamp in eene luchtsoort. Weegt men
naderhand hel ijzerroest, dan is het zwaarder dan hel ijzer
le voren was; er heeft dus eene verbinding plaats gehad.
Vangt men de luchtsoort op, en weegt men die, dan vindt
men, dal haar gewigt minder is, dan dal van het water,
dal als stoom door de gloeijende buis heengegaan is, en
wel juist zooveel minder als het ijzer zwaarder geworden
is. Wij moeten daaruit besluiten, dat het water gescheiden
is geworden in een bestanddeel, dal zich met het ijzer
verbonden heeft, en in een ander, dat zich als luchtsoort
aan ons vertoont. Water is dus eene zamengestelde stof.
Brengt men bij een glas, dat met de verkregen luchtsoort
gevuld is, een' zwavelstok, dan verbrandt die lucht da-
delijk met eene zeer weinig lichtgevende vlam. Zij komt
dus in brandbaarheid overeen met de lucht of het gas, dal
uit steenkolen gestookt wordt, maar verschilt daarin , dat
zij bijna geen licht geeft; het is namelijk zuivere brandbare