Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 178 — ^
daar de dampen en liet gas in de lucht ontsnappen, en
verzamelt alleen de overblijvende kool.
Hetgeen bij de gasbereiding in 't groot, bij de pijp met
steenkool in 't klein gebeurt, geeft ons nadere opheldering
van hetgeen wij bij de gewone verbranding in de kagchel
zagen. Bij de gasbereiding scheidt zich de steenkool in
twee ligchamen, die beiden brandbaar zijn en ieder op de
hem eigene wijze verbranden: in eene luchtsoort, die eene
helder licht gevende vlam vertoont, en in eene kool, die
gloeijende, maar zonder vlam verbrandt. Beide verbran-
dingen vertoonen zich in 't vuur vlak bij elkander. On-
middellijk boven de steenkool heeft men de vlam, het is
die van het gas, dat, door de hitte uitgedreven, dadelijk
aangestoken wordt-, terwijl de kool, die na die uitdrijving
overblijft, al gloeijende verteert, even als de kool, die bij
de gasbereiding is achtergebleven, zou doen, als ze wierd
aangestoken. Bij de verbranding geschiedt dus op eene en
dezelfde plaats, wat elders op twee plaatsen geschiedt, en
wij zien tevens, dat bij de verbranding niet alleen eene ver-
binding ontstaat j maar dat deze voorafgegaan wordt door
eene scheiding der brandstof in twee ligchamen, die beiden
verbranden en zich alzoo beiden met de lucht verbinden.
Even als in de opgegeven gevallen hout en steenkolen
door verhitting in een' besloten' toestel gescheiden worden
in ongelijksoortige bestanddeelen, heeft de proefneming ge-
leerd, dat alle stoffen, die van dieren of planten afkomstig
zijn, door zoodanige verhitting in bijna dezelfde ligchamen
gescheiden kunnen worden. Dit is het geval met vleesch,
vet, bloed, huid, wol, haren, vederen, horens, hoeven,
beenderen van dieren-, met papier, linnen, katoen, vlas en
andere stoffen uit planten bereid. Zij laten alle eene zwarte
kool achter en brengen alle de brandbare luchtsoort voort.
Wij kunnen daaruit het gewigtig besluit trekken, dat die-
ren en planten voor een groot deel uit dezelfde stoffen be-
staan, al behoeven daarom niet alle bestanddeelen dezelfde
te zijn.
Stelt men daarentegen steen, zand, glas of metaal aan
verhitting in de ijzeren buis bloot, dan ondergaan deze
geen blijvende verandering; sommige metalen smelten wel.