Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 173 — ^
cliaam ontstaat; bij zink zien wij dus duidelijk, dat ver- |
branding geene vernietiging, maar een overgang tot iets |
anders is. 1
Bij lood, dat sterk verhit wordt, heeft iets dergelijks
plaats als bij zink. Het smelt ook , en verandert dan bij
sterker verhitting in een zvfartachiig poeder, hetgeen ver-
volgens geel, en eindelijk helder rood wordt; dit laatste is
bekend onder den naam van menie, en wordt als roode ^
verfstof gebruikt. Ook hier wordt de verbranding belet J
door bedekking met eene laag houtskool, en neemt het ge- i
wigt van het lood door verbranding toe: 10pond lood geeft \
11 pond menie. :
Ook ijzer kan bij zeer sterke verhitting verbranden. Dat '
gebeurt dikwerf, wanneer de smid het ijzer, dat hij sme-
den wil, te veel verhit; het bedekt zich dan met eene
korst, die men hamerslag noemt, omdat dat verbrande
ijzer, wanneer het gehamerd wordt, van het binnenste niet
verbrande afspringt.
Koper verandert bij verbranding in eene stof, die men
koperzwart noemt, en wordt daarbij \ zwaarder: 4 pond
koper geeft 5 pond koperzwart.
In elk van de opgegeven gevallen heeft eene verbinding
van twee verschillende stoffen plaats, en zien wij daarbij
de stoffen , die zich verbinden, hare eigenschappen ver-
liezen , en een nieuw ligchaam ontstaan, dat geheel andere
eigenschappen heeft. Deze twee kenmerken onderscheiden
de verbinding van de vereeniging van gelijksoortige deelen
tot een geheel.
Er zijn ook stoffen, die niet kunnen verbranden, of, met
andere woorden , die niet onder ontwikkeling van warmte
met de lucht eene verbinding kunnen aangaan tot een lig-
chaam , dat andere eigenschappen heeft. Wanneer men
steen, aardewerk en glas bijv. aan eene groole hitte bloot-
stelt, veranderen ze niet. Glas smelt dan wel; maar als de
verhitting ophoudt, wordt het weder hetzelfde vaste lig-
chaam als vroeger, en heeft aan gewigt verloren noch gewon-
nen. Goud en zilver in het vuur gebragt, komen er weder
uit, zoo als ze er in gebragt zijn; het is deze eigenschap,
die ze den naam van edele metalen heeft doen geven. Nog