Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
— '166 —
die door C in de bovenruiinle instroomt, den zuiger omlaag
duwen. Is deze beneden gekomen, dan sluit men C en F,
en opent D en E weder, en de stoom drukt den zuiger nog-
maals naar boven. Door die beur tel ingsche sluitingen en
openingen gedurig op het regte tijdstip te herhalen, zal dus
de zuiger onophoudelijk in den cilinder op en neèr gaan,
en dus ook de toestel, die aan de zuigerstang bevestigd is,
in voortdurende beweging blijven. De machine is voorts zoo
ingerigt, dat zij, eenmaal in gang, zelve door hare beweging,
juist als het noodig is, het sluiten en openen der schuiven
bewerkstelligt.
Wij zouden hierbij echter in vele gevallen nog weinig ge-
wonnen hebben, daar het meestal niet te doen is, om een'
toestel in eene heen en weder gaande beweging te brengen,
maar wij doorgaans het oog hebben op eene wentelende be-
weging. Om dit doel te bereiken, is datgene wat eigenlijk
bewogen moet worden, niet regtstreeks aan de zuigerstang
bevestigd, maar door middel van een' tusschen toestel, die
dient om de heen en weèr gaande beweging in eene draai-
jende te veranderen. Een zeer bekend voorbeeld van zulk
een' toestel vinden wij bij eiken schaarslijper of draaijer:
door het trappen met den voet wordt daar eene trede of
pedaal op en neder bewogen; aan die trede is door middel
van eene stang eene as zóó bevestigd, dat zij door die be-
weging in de rondte draait. Op dergelijke wijze nu wordt
ook bij den stoomwagen de beweging verkregen. Daar zijn
twee stoomcilinders aangebragt, aan weerskanten een, en
wel in eene liggende stelling. De zuigerstangen werken door
eene verbinding van denzelfden aard op eene hoofdas, die
met de beide grootste raderen een geheel uitmaakt, zoodat
de ronddraäijende beweging van deze het onmiddellijk ge-
volg is van de heen en weèr gaande beweging der zui-
gerstangeu.
vni.
Veibiandiug.
Even als verwarming de ligchamen enkel uitzet, smelt
ofwel in damp verandert, doet afkoeling ze weèr inkrim-
pen, stollen of lot den staal van vocht terugkecren. De