Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
— '3 —
doorgaans vastgemaakt op een liouten plankje, of beter nog,
op een metalen plaatje, waarop een aantal lijntjes zijn
getrokken, die, als de buis overal even wijd is, ook even ver
van elkander moeten afstaan, en waarbij getallen geplaatst
zijn. De ruimten, waarvan twee opvolgende de grenzen
aanwijzen, noemt men graden. Wanneer nu het kwik in de
buis van écn lijntje lot een volgend rijst, zoo zegt men, dat
het ée'n' graad gerezen is •, dat de warmte een' graad is toe-
genomen. Bij een van die lijntjes staat O, bij sommige hooger
gelegene 5, 10, 15, 20, 25, enz., of 10, 20, 30,40, enz.,
al naardat er 5 of wel 10 opvolgende graden bij elkander
zijn genomen. Die verdeeling nu wordt bij alle goede ther-
mometers zoo gemaakt, dat, wanneer zij aan denzelfden graad
van warmte blootgesteld worden, in alle het kwik rijst tot
aan het lijntje , waarbij hetzelfde getal staat. Om dat te
bewerkstelligen bij buizen van onderscheiden wijdte, begint
de vervaardiger, nadat hij de met kwik gevulde buis op
het nog onverdeelde plaatje heeft vastgemaakt, den ther-
mometer te dompelen in eene kom gevuld met sneeuw of
fijn gemaakt ijs, die in eene warme kamér staat en aan 't
smelten is. Zoodra het kwik daarvan omgeven is, krimpt
het in, maar blijft weldra stilstaan op eene bepaalde hoogte;
waar dit nu gebeurt, trekt men een lijntje op het plaatje,
waarbij dan gewoonlijk O graden gezel wordt. Daarna brengt
men den thermometer in stoom van kokend water, waardoor
het kwik snel in de buis omhoog rijst, maar ook spoedig
op een zeker punt tot stilstaan komt; op dal punt wordt een
tweede lijntje getrokken, waarbij men 100° schrijft; de afstand
op het plaatje tusschen die twee lijntjes wordt eindelijk in
100 gelijke deelen verdeeld, en bij die verdeelingen behoo-
ren de getallen van 1 tot 99. Het punt van 0° noemt men
hel vriespunt, 't is eigenlijk het punt van smeltende sneeuw
of ijs; dat van 100° heet het kookpunt.
De hier beschreven thermometer is de honderddeelige of
die van celsius, omdat men hem aan den natuurkundige van
dien naam toeschreef; onlangs is echter gebleken, dat zijn
beroemde landgenoot linn^üs het eerst die schaal of verdee-
ling van graden heeft uitgedacht, zoodat hèm de eer daarvan
toekomt. Behalve die honderddeelige schaal heeft men ook