Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
— lOG —
süorl van sloffen , le welen kiclitsoorlen. Hebben deze de-
zelfde eigenschappen? De dagelijksche ondervinding leerl
het ons niet. Wij zien nooit luclit vallen; wij kunnen geen
lucht op de hand wegen, en zoo doende voelen, dat zij eenig
gewigt heeft, al mögt dat dan ook nog zoo weinig zijn. Dit
geeft echter nog geen regt om te besluiten, dat lucht niet
zwaar is, dat lucht niet drukt, dat lucht niet vallen kan.
Bij de vochten hebben wij toch reeds gezien, dat bijko-
mende omstandigheden de verschijnselen kunnen wijzigen.
Als men een stuk kurk opligt en loslaat, valt het naar
beneden •, steekt men het daarentegen eerst tot een zekere
diepte in water, en laat men het dan los, zoo rijst het;
niet omdat het dan ophoudt zwaar te zijn, maar omdat er
dan eene andere grooter kracht is, die het vallen belet. Ook
l)ij luchtsoorten zijn verschijnselen waar te nemen van ge-
lijksoorligen aard.
Dat lucht werkelijk gewigt heeft, wordt door de na-
volgende proef bewezen. Als men een' glazen ballon neemt,
voorzien van eene koperen kraan, die hem luchtdigt kan
afsluiten, en men hangt dien geopend, zoodat het inwen-
dige gemeenschap heeft met de buitenlucht, aan den eenen
arm eener balans op, in slede bijv. van de schaal, die
daaraan gewoonlijk hangt, dan zal men door het plaatsen
van gewigt in de andere schaal, die wij vooronderstellen dat
niet weggenomen is, evenwigt kunnen maken. Sluit men
nu, door de kraan om te draaijen, den ballon af, dan zal
daardoor het evenwigt niet verstoord worden. Kon de
lucht nu uit den ballon verwijderd worden, dan zou, bij-
aldien zij zelve ook eenige zwaarte had, de ballon daar-
door ligter moeten worden. En dat is inderdaad het ge-
val. Met behulp van eene zoogenaamde luchtpomp is
men in staat de lucht wel niet geheel en al, maar toch
voor een groot deel weg te nemen, en het gevolg daarvan
is een omlaag gaan van de schaal met het gewigt.
Hier drukte eene bepaalde hoeveelheid ingesloten lucht,
die hoeveelheid namelijk, welke binnen den ballon zich
bevond. Dal nu ook niet ingesloten lucht, die, welke ons
dagelijks omringt, drukking uitoefent, blijkt uit eene andere
proef. Men vuile een glas tot aan den i'and met waler.