Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
— O!) —
dan moet liet ligcliaam blijven op de plaats, waar bet is
losgelaten. Welk van die drie gevallen zal plaats hebben,
kunnen wij bepalen, eer wij de proef doen; want wij be-
hoeven te dien einde het ligchaam maar te wegen en
tevens eene hoeveelheid vocht, die evenveel i'uimte in-
neemt als het ligchaam. Is het eerste gewigt meer dan
het tweede, dan zal het ligchaam zinken; is het even
groot, dan blijft het zweven; is het kleiner, dan zal het
naar boven komen. Nu zeggen wij , gelijk wij op bl. 80
zagen, van een ligchaam, dat zwaarder is dan eene hoeveel-
heid vocht die evenveel ruimte inneemt, dat zijn soortelijk
gewigt grooter is dan dat van het vocht. Wij kunnen ons der-
halve met andere woorden aldus uitdrukken •. een ligchaam
zal, in een vocht losgelaten, daarin zinken, zweven of op-
stijgen, naar mate zijn soortelijk gewigt grooter, gelijk, of
kleiner is dan dat van het vocht. Metalen, steenen, glas,
sommige zware houtsoorten, zoo als ebben- en pokhout,
zinken alzoo in water, andere ligte houtsoorten komen
ondergedompeld van zelve naar boven. Ligchamen, die juist
even zwaar zijn als water, vindt men niet in de natuur;
het geval dat een ligchaam in water losgelaten, op de plaats
zelve blijft, zien wij daarom in het dagelijksch leven niet
verwezenlijkt; doch wij kimnen zoodanig ligchaam ver-
vaardigen. Nemen wij een' bal van eene houtsoort die
een weinig zwaarder is dan water, bijv. van mahoganyhout,
en bestrijken wij dien met eene laag was, dat een weinig
ligter is dan water, dan kunnen wij die laag zoo dik maken,
dat de bal juist even zwaar wordt als water; laten wij hem
dan onder water los, zoo zien wij, dat hij noch naar
boven, noch naar beneden gaat, maar terzelfder hoogte
blijft.
De zwaardere ligchamen zinken in het vocht naar bene-
den totdat zij stuiten. Een steen, in eene diepe waterkolk
geworpen, houdt niet op te zinken, voordat hij op den
grond komt. In de zee zinkt een zwaar ligchaam soms wel
honderde en duizende ellen. Het is daarmede als met het
vallen in de lucht, dat voortduurt totdat het ligchaam be-
neden is. Maar hoe gaat het met het ligtere ligchaam, als
het in water losgelaten wordt? Dal beweegt zich naar boven,
7 *