Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 3: 1
Auteur: Wenckebach, Willem; Matthes, C.J.
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier & zoon, 1851
[S.l.]: C.A. Spin & zoon
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 A 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203451
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der natuur: schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
!)1 —
VII.
Drukking van vochten.
De dagelijksche ondervinding leert ons, dat vloeistoffen,
even zoowel als vaste ligchamen, vallen en zwaar zijn.
Wanneer water in de schaal van eene balans gegoten
wordt, oefent dat water eene werking op de schaal uit, en
de balans slaat door. Even bekend is het, dat water, als
het niet ondersteund wordt, valt. Zoodra er een gat in
den bodem van een' emmer is, loopt het waler er uit.
Water en andere vloeistoffen begeven zich altijd naar de
laagste punten, die zij bereiken kunnen; wij noemen dit
vloeijen en slroomen, en 't is een verschijnsel, dal wij aan
alle rivieren en beken waarnemen.
Bij deze overeenstemming lusschen vaste ligchamen en
vochten is er intusschen ook een wezenlijk verschil.
De vochten drukken niet alleen naar beneden, maar ook
zijdelings, iets dat bij vaste ligchamen meestal niet plaats
vindt. Het water in een' bak drukt niet alleen op den
bodem, maar ook legen de opstaande zijwanden van den
bak. Dit wordt reeds waarschijnlijk, als wij bedenken, dat
zoodra er eene opening in den zijwand is, het waler daaruit
spuit. Wij zien hel bijv. aan een houten val, waarvan de
duigen niet behoorlijk sluiten, of aan eene sluisdeur, waar
water tegenaan staat, en waarvan de reten niet behoorlijk
digt zijn. Daar nu elke beweging door eene oorzaak wordi
voorlgebragt, moet er ook eene zijdelings werkende kracht
zijn, die dat uilspuilen voortbrengt. Is er geen opening
en dus geen uitspuiten, geen bewegen van waterdeelen, dan
werkt die kracht daarom toch, maar brengt drukking te weeg.
Het wezenlijk beslaan van die zijwaarlsche drukking kan blij-
ken uit de navolgende proef. Neem eene reglhoekig omgebo-
gen buis, ABC (Fig. 17), plaats hel eene
Fig. 17. been AB reglop, en hel andere been
BC dus in een' liggenden of water-
passen stared; houd legen den rand CC'
een plankje en giet nu van boven water
in de buis, bijv. tol aan A, dan zal
hel plankje door hel waler zijdelings

^Si
ca