Boekgegevens
Titel: Kort begrip der algemeene geschiedenis, of Inleiding tot dezelve
Auteur: Curas, Hilmar; Schröckh, Johann Matthias
Uitgave: Leyden [etc.]: Du Mortier [etc.], 1811-1814
2e dr; 1e Nederlandse uitg. 1799-1802
Opmerking: Vert. van: Einleitung zur Universalhistorie zum Gebrauch bey dem ersten Unterrichte der Jugend. - 1729
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3000
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203447
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort begrip der algemeene geschiedenis, of Inleiding tot dezelve
Vorige scan Volgende scanScanned page
w e r E l d g e s c h ie d K-n is. '77'
■elkander gefcheurd: maar werden oolc, door
de onbekwaamheid van derzelver vorsten,
ARCADius en HONORius; door de oneenig-
heid' en de verraderij van derzelver Ihatsbe-
dienden en veldheeren, elkander de erglte
vijanden. De Duitfche Volken deden, van alle
zijden, invallen in het Westersch Keizerrijk;
verwoesteden hetzelve, zonder tegenftand te
vinden, en odoacer werd, in plaats van
deszelfs Keizer , Koning van Italië. De
Duitfchers ftichteden voor en na nog^ meerder
rijken het Oostgotifche en Longobar^difchc
in Italië: htt Frankifche in Gallis; hér-IFest'
gotifche in Spanje; het Angel - Sa:^ifche in
Brittannie; het andaal fc he 'm Afrika^ en'
nog anderen. Geen dcrzelven breidde zich
fterker uit dan het F; ankifche federt clodo-
vaeus ; het Oostgotifche en eenige anderen,
kregen fchielijk een einde. Alle deze Duit-
fche verovcra^irs, welke de Hunnen uit Azie^
onder aanvoering van attila en andere vol-
ken , in het maken van veroveringen, te
hulpe kwamen, namen, weldra, den Christe-
lijken Godsdienst aan. Met hunne regering
ramen de tilden van onwetendheid, in hec
Christelijk Europa^ eenen aanvang, daar de-
zelve reeds door het bijgeloof waren voor-
bereid geworden. De Patriarchen van Rojjte
cn Konftantinopolen ftreden met elkander,
heftig , ovür den voorrang in de Christelijke
Kerk; doch de eerstgenoemde vond gedurig
meer gelegenheid dan de ander, om zijne
heerfchappij uit te breiden. Men ftclde de
tijdrekening, om van de geboorte van cdris-
Tus af te tellen, vast: doch gebruikte dezel-
ve nog niet. Het Oöstcrsch- Romdnfche¥^€\z(tx-
rijk, in hetwelke de nog overgeblevene ge-
leerd-