Boekgegevens
Titel: Kort begrip der algemeene geschiedenis, of Inleiding tot dezelve
Auteur: Curas, Hilmar; Schröckh, Johann Matthias
Uitgave: Leyden [etc.]: Du Mortier [etc.], 1811-1814
2e dr; 1e Nederlandse uitg. 1799-1802
Opmerking: Vert. van: Einleitung zur Universalhistorie zum Gebrauch bey dem ersten Unterrichte der Jugend. - 1729
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3000
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203447
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort begrip der algemeene geschiedenis, of Inleiding tot dezelve
Vorige scan Volgende scanScanned page
Germa»
„IKLEIDINC TOT Dï
aan het eigenlijke Christendom ongelijk grootef
nadeel heeft toegebragt. In de veertiende en
vijftiende eeuw werd dit rijk gefchokt en in-
gekort : maar in ihet begin der zestiende bragt
LUXER aan hetzelve eenen zwaren flag
toe, en federt zijn deszelfs krachten lang-
zamerhand en zigtbaar verminderd, aangezien
ten laatften niets daarvan is overgebleven,
dan hetgene louter Kerkelijk gebied cn Gods-
«Jienftige zaken betreft.
, Duif XXVII. Toen de oude Romeinen dezen
^hers of naam niet meer verdienden, werd derzel-
ver plaats, allengskens, vervuld door vele
andere volken van een en denzelfden oor
fprong; bekend onder den naam van Duit'
fchers of Germanen. Eerst omtrent hon-
derd jaren voor christus, begonnen
zij eenige vertooning in de gefchiedenis
te maken. De veroveringen , welken de
Romeinen onder hen poogden te maken,
waren niets beduidend en kort van duur.
Veel meer tasteden deze dappere en vrij-
heid-minnende volken, (zich, in het mid-
den der tweede eeuw , van den Rijn eni
den Donau af, tot in die oorden uitgebreid]
hebbende,, waar Eu f opa en yizie van el-
kandér afgefcheiden worden) het verzwak-
te Romeinfche Rijk onophoudelijk aan, era
cenigen daarvan noodzaakten het zelfs tots
den afftand van een gedeelte gronds tcra
verblijfplaats. Maar in het begin der vijf-'
de eeuw, drongen zij, met eene onweerflaan-i
bare magt, daar van alle kanten, in. Ondcm
de namen van Göthen, Wandalen, Fr an-
iten, Bourgondiërs, óuëven, Saxen, Her uiers,
Loniobardcn en andere Volken, verwoesteder