Boekgegevens
Titel: Kort begrip der algemeene geschiedenis, of Inleiding tot dezelve
Auteur: Curas, Hilmar; Schröckh, Johann Matthias
Uitgave: Leyden [etc.]: Du Mortier [etc.], 1811-1814
2e dr; 1e Nederlandse uitg. 1799-1802
Opmerking: Vert. van: Einleitung zur Universalhistorie zum Gebrauch bey dem ersten Unterrichte der Jugend. - 1729
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3000
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203447
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort begrip der algemeene geschiedenis, of Inleiding tot dezelve
Vorige scan Volgende scanScanned page
vooftloöpig dënkbeéld van'-de
6f Geleerde gefchiedenis leert ons alles
-kennen, wat het nienfchelijke vefftand heeft:
verrigt in het 'uitvinden^ bearbeiden en be-
zigen der wcter.fchappen en fchoone kunfien.
Daar is, eindelijk, ook nog eene gerchiedenis
der Natuur, [Natuurlijke — Natuurkundi-
ge gerchiedenis j'Mraarin de toeftand en de
veranderingen -vin ällös, wat tót de werken
der natuur behoort, verklaard worden. Dan,
daar wij in de gefchiedenis flechts die gebeur-,
tenisfen zoeken en behandelen, 'welke den'
roensch betreffen, zoo behoort dezelve, ei-
■ ijenlijk gezegd , niet tot ons onderwijs; al-
hoewel zij vele nuttige ophelderingen voor
de gefchiedenis zelve mededeelt, vooral, na-
■ demaal de menfchen zelven veel hebben toe-
jïcbragt tot de verandering, welke deze aard-
l»oI ondergaan heeft.
v«reenii VII. Wanneer men nu de mefkwaardigfle
fin? van jTebeurtcnisfeu volgens deze onderfcheidene
t'^n^met'^'' oorte" Van gefchiedenisfen rangfchikt, zal
elkander. 1 ict allezins gemakkelijker worden, om den
j;cheelen omvang van dezelven te kunnen be-
vatten. Maar men behoort zich daarvoor
Tvel te wachten, dat men, door flechts ééne
élezer foorten te beoefenen , van deze ver-
cleeling geen misbruik make.
Voor dezen is de Staatkundige gefchiede-
nis meer belangrijk; voor genen de Kerke-
lijke: doch beide deze foorten van gelchie-
«lenisfen hebben zulk eene naauwe betrek-
Idiig op elkander, dat men, om de eene te
beoefenen , de andere niet vervvaarloozen
kon. En zoo is het met alle de foorten ge-
legen. Zij zijn allen deckn van hetzelfde
ligchaam; namelijk, van de gefciij^dtnis des
, ■^■H - 'l