Boekgegevens
Titel: Kort begrip der algemeene geschiedenis, of Inleiding tot dezelve
Auteur: Curas, Hilmar; Schröckh, Johann Matthias
Uitgave: Leyden [etc.]: Du Mortier [etc.], 1811-1814
2e dr; 1e Nederlandse uitg. 1799-1802
Opmerking: Vert. van: Einleitung zur Universalhistorie zum Gebrauch bey dem ersten Unterrichte der Jugend. - 1729
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3000
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203447
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort begrip der algemeene geschiedenis, of Inleiding tot dezelve
Vorige scan Volgende scanScanned page
I» E 8 C H I E D * W I Yl
is waar, in dezelve vele gapingen en ty/et-
righcden^ inzonderheid met , opligt tot de
oude gefchiedenis: nogtans begeeft zij ons
gelden bij merkwaardige voorvallen.' Over
het algemeen krijgt een verhaal een verdacht
voorkomen, wanneer men den tijd niet kan
opgeven, waarin hetzelve zou voorgeval-
len zijn; of wanneer hetzelve ftrijdt met
eene tijdrekening, welker zekerheid bewe-
gen is.
XII. Het andere hulpmiddel, waarvan a«rd-
men hierbij gebruik moet maken , is
kennis aan dm oord, waarin merkwaardigerük.be- ^
zaken voorgevallen zijn. De wetenfchap, fthrij.
welke dit leert, is de Aardrijkskunde of
Aardrijksbefchrijving (^Geographien. Deze
deelt ons eene naauwkeurige kennis mede
van de wereld, dat fchouwtooneel der ge-
fchiedenis, zoo wat de vroegere of oude,
als hetgene de latere of nieuwe tijden be-
treft. Zij is, even zoo wel als de tijdreke-
ning, aan vele gebreken en duisterheden on-
derhevig: maar zij is oneindig aangenamer
dan de andere, en zij beide aijn onaffcheid-
bare gezellinnen der gefchiedenis,
XIII, Ook moet men de gefchiedenis op zimen-
zoodanig eene wijze leeren, dat men de ge- l>»ng der
beurtemsfcn m derzelver zamenhatig en W^-niifeq"''
^and met elkander, met ecnen enkelen op-
flag van het oeg, kan overzien. Hij, die
flechts weet, wat hier en daar, nu in de-
ze., dan wederom op eenen anderen tijd ia
voorgevallen , verßaat geene gefchiedenis,
welke hem van eenigen dienst kan zijn. Hij
heeft' alleen enkele, op zich zeiven fliaande
gebeurienisfen leeren kenpen , welker oqx-<
en §evQj|[eq hy niet in ftaat is te
bcQor-