Boekgegevens
Titel: Inwijding der nieuwe Louise-school, te Amsterdam ... 18 April 1854
Auteur: Suringar, W.H.
Uitgave: [Amsterdam]: [s.n.], 1854 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 965
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203399
Onderwerp: Onderwijs: voorschools onderwijs
Trefwoord: Scholen, Kleuteronderwijs, Amsterdam (stad), Louise Auguste Wilhelmine Amalie
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Inwijding der nieuwe Louise-school, te Amsterdam ... 18 April 1854
Vorige scan Volgende scanScanned page
37
Hoe zal het dan zijn ? Eene geheel andere schare van kin-
deren, veelligt onder andere leidslieden en andere bestuur-
ders. Voorzeker, een andere spreker en voorganger op dat
25jarig gedenkfeest! Mögt dezelfde Dichter dan nog frissche
toonen aanslaan! Doch- — hoe het zij of worde, — wie
er zij of kome, 't zal steeds wel gaan, indien de geest der
wijze liefde, de geest van Christus, oud en jong immer
bezielt. Die School bezit eene edele Beschermvrouw en
draagt den schoonen naam Louise-School , maar als de
geest der liefde, de geest van Christus in allen en in al-
les leeft, dan is de Hooge Beschermer God, dan is het
eene school Gods.
Ja! tot Hem, dien goeden Vader in de Hemelen, klimme
onze lof en onze dank, in dit plegtig en feestelijk, in dit aan-
doenlijk en onvergetelijk uur. Hem zij prijs en eere, dat Hij
uit een kleine spruit, zoo schoon een boom deed groeijen,
met rijke vrucht beladen. Hem zij het gebrekkig mensche-
lijk pogen niet ongevallig. Zijn zegen blijve rusten op de
Instelling, op de Vorstelijke Beschermvrouw, op Bestuur en
Leden op Onderwijzers, en op die vele kinderen en hunne
ouders, ja! op ons allen! De dag van heden zij en blijve een
heerlijke gedenkdag in ons aller leven, vooral in het leven
van U, Stichteressen en Bestuurder essen der School.
Ik eindig met de woorden van den Dichter:
Komt, danken wij! want aller doel is één:
fVie wèl kan doen en wien dat weldoen streelt,
En wie opregt voor elke weldaad dankt,
Vertoont een trek van 't God'lijk deugdenbeeld.
Tot V, die in den hoogen hemel woont.
Verheft zich thans ons harte; hoor ons. Heer!
IFek Gij ons op tot vromen kinderzin;
Zie op ons werk mit welgevallen néér!
fVat baat dat werk, zoo 'taan uw zegen faalt?
IVat baat de vlijt, waar Gij uw hulp onttrekt ?
En 't toeldoen zelfs, helaas ! wat baat het ons ,
Ms elke daad niet tot uw eer verstrekt?