Boekgegevens
Titel: Inwijding der nieuwe Louise-school, te Amsterdam ... 18 April 1854
Auteur: Suringar, W.H.
Uitgave: [Amsterdam]: [s.n.], 1854 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 965
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203399
Onderwerp: Onderwijs: voorschools onderwijs
Trefwoord: Scholen, Kleuteronderwijs, Amsterdam (stad), Louise Auguste Wilhelmine Amalie
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Inwijding der nieuwe Louise-school, te Amsterdam ... 18 April 1854
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
n. onze hinderen en hunne ouders en huisgezinnen.
b. Foor de weldoeners dier ouders en hinderen, en voor
de Leden en begunstigers dezer school,
A. Denkt U deze school weg, en stelt U voor, dat de looo
kinderen, die zij opnam, bij gebrek aan de noodige midde-
len, door meer vermogenden voor een groot deel verstrekt,
noch hier, noch op eenige andere goede school, (zoo als er,
Gode zij dank! vele hier ter stede zijn), waren geplaatst,
hoe treurig zou het er dan met die lieve kleinen uitzien!
De moeder schoonmaakster, de vader aan het werk. Wie
past naauwlettend op de kleinen ? En zoo er al eene dus-
genaamde oppassing plaats vindt, wie bevordert de ontwik-
keling van het kind, van het 3''° tot het ö''" levensjaar?
En't zijn, naar 't gevoelen der meeste opvoedkundigen, juist
die vroegere levensjaren, die ongebruikt of verkeerd aange-
wend , vaak eeneu beslissenden invloed oefenen , op geheel
het volgend leven.
Ja! al ware ook de moeder uit den handwerksstand en
de behoeftige klasse bestendig in hare woning, kan zij dan
het kind dat geven, wat eene welingerigte Bewaarschool het
geeft? Eeneu Beschermer uit den aanzienlijke stand, die ten
behoeve van liet kind lid wierd van de Inrigting, en daar-
door het regt bekwam tot plaatsing. Eu deze Beschermer,
doorgaans eene Beschermvrouw, van hoe veel waardij is zij!
Zij blijft het kind, dat zij zich aantrok, veelal gadeslaan,
brengt het op de Volg- en Breischool , en wordt 't Pa-
tronaat bij onze Inrigting meer regelmatig ingevoerd, zoo
staat zij ook het kind in rijperen leeftijd met raad en daad
ter zijde.
En dat kind , hoe rijke bron van ontwikkeh'ng vindt het
inde kinderwereld, waarin het wordt opgenomen! Hoe leert
het reeds vroeg vele en velerlei andere kinderen liefhebben,
daarmede omgaan , zich er mede vermaken ! Hoe maakt het
zich reeds vroeg vrienden en vriendinnen voor volgende le-
vensjaren! Hoe gewent het reeds in prille jeugd aan zin-
delijkheid, orde en tucht! Bovenal, hoe krijgt het reeds
vroeg, van het ter schooi gaan een geheel anderen indruk.