Boekgegevens
Titel: Inwijding der nieuwe Louise-school, te Amsterdam ... 18 April 1854
Auteur: Suringar, W.H.
Uitgave: [Amsterdam]: [s.n.], 1854 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 965
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203399
Onderwerp: Onderwijs: voorschools onderwijs
Trefwoord: Scholen, Kleuteronderwijs, Amsterdam (stad), Louise Auguste Wilhelmine Amalie
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Inwijding der nieuwe Louise-school, te Amsterdam ... 18 April 1854
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
sche huur ad f 1200 — en door de vermeerdering onzer
inkomsten, wegens 't grooter aantal kinderen, dat men plaat-
sen kan , kunnen de jaarlijksche aflossingen aanzienlijk zijn.
En zou men zich ook niet mogen vleijen met enkele legaten,
giften en bijdragen? Wij vinden grond tot dit vermoeden
door het legaat van duizend gulden, ons dezer dagen ver-
maakt door wijlen onze volijverige Medestichtster der School,
Mevrouw de Weduwe P. Bel, geb. Scheerenbekg, overleden
te Amsterdam, den 17 Februarij i854. Die Vrouw, door
het spoedig op elkander volgend afsterven van al hare eigene
volwassen kinderen diep geschokt, is eindelijk kort daarop
zelve bezweken. Hare asch ruste in vrede! Viert zij met ons
geen feest op aarde, — God, die haar opnam, bragt haar,
wij willen dit eerbiedig hopen, terug bij hare kinderen, wier
gemis zij zoo innig betreurde!
Missen wij haar op den blijden feestelijken dag, U zien
wij met een waar genoegen als hare 0[)volgster optreden,
hooggeachte Vrouwe Schuller Donker Curtius. Die
naam Schuller is een goede, welklinkende naam! Er
is een ander Opvoedings-gesticht, waar die naam met er-
kentenis op veler lippen leeft.
Ik kon er meer van zeggen, maar wil dat liever doen als
zij, wien het betreft, er niet bij tegenwoordig zijn. Van een
vleijer wordt gezegd: hij heeft veel van een verrekijker, als
bij naar ons is toegekeerd vergroot hij, als hij van ons af-
gekeerd is, verkleint hij. Men moet zeKs in de verte den
schijn niet aannemen, op zulk een verrekijker te willen ge-
lijken !
Ondervind Gods besten zegen, waardige Vrouw! in de
betrekking, die Gij op dezen plegtigen dag aanvaardt. Gij
zult het weldra weten, dat het waarheid is, wat ik nu in
bet andere deel mijner toespraak wensch aan te toonen,
dat deze Instelling reeds veel goeds beeft gesticht en nog
meerder belooft.
II. Ja! onze Inrigting was eene rijke bron van zegen en
genot, voor