Boekgegevens
Titel: De ware Robinsons
Auteur: Bergh, S.J. van den; Denis, F.; Chauvin, Victor
Uitgave: Leiden: D. Noothoven van Goor, 187X *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5652
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203339
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De ware Robinsons
Vorige scan Volgende scanScanned page
gaetako osculati.
verstoken was, hem eenige vertroosting; hij kon een
aantal aardrijkskundige inlichtingen inwinnen omtrent de
woestijn, die hij op het punt stond van in te slaan.
De carguero's kwamen evenwel niet opdagen, en daar
hij begon te vreezen dal zijne goederen onderweg gesto-
len zouden zijn, zond osculati den alcade naarTombaco,
met een brief voor den luitenant ximenes, waarin hij hem
smeekte, des noods met geweld, hef vertrek van deze
onwillige dragers te verhaasten. Het saizoen toch begon
meer en meer te verloopen en indien men nog langer
wachtte, was het te vreezen dat de sneeuw en de regen
het overtrekken der bergstroomen onmogelijk zouden maken.
Eindelijk, den Junij, daagde de alcade met decar-
guero's van Tombaco op. Uit vrees dat zij het op een
vlugten zouden zetten, nadat zij zich van hun last ont-
daan hadden, deed osculati hen in den tambo opsluiten
en bewaakte hen den geheelen nacht. In weerwil van het
slechte weder begaf men zich den volgenden morgen op weg
naar Archidona. Onder een aanhoudenden slagregen moest
men zich een weg door moerassige wonden banen, waarin
ter naauwernood een pad voor de voetgangers was. Onze
reiziger nam zijn geweer en pistolen, liet zijne tien In-
dianen , die allen achter elkander liepen, voor zich uit
gaan, en sloot den togt, ten einde iedere poging tot ont-
vlugling te voorkomen.
De eerste drie dagen werd de reis door niets bijzon-
ders gekenmerkl; maar legen den middag van den 18^"
Junij hielden de carguero's, bij hel doortrekken van een
zeer diglbegroeid bosch, eensklaps stil, terwijl zij met
groote ontroering nilroepen: »Een lijk! een lijk!" osculati ,