Boekgegevens
Titel: Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Auteur: Blink, H.
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1885
Opmerking: Met bijlage: Atlas der natuurkundige aardrijkskunde behoorende bij Onze planeet, grondbeginselen ...
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 998 : 1e dr. (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203320
Onderwerp: Aardwetenschappen: fysische geografie, Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Fysische geografie, Kosmologie, Leermiddelen (vorm), Atlassen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
6S
§ 13. Richting der winden in Europa in den zomer. In den zomer
is het land sterker verwarmd dan de zee en hierdoor vindt men
in Azië (zie de isobarenkaart Juli) eene uitgebreide depressie. Tege-
lijkertijd vindt men boven den Atlantischen Oceaan op 55° N.Br.
(zie de kaart) een barometrisch maximum van 765 mM. Om dit
maximum op den Atlantischen Oceaan heeft eene anti-cyclonale
luchtbeweging plaats (O., Z., W., N.). West-Europa ligt in dien tijd
in het gebied der anti-cyclonale luchtbeweging om dit maximum en
heeft daardoor, zooals de kaart gemakkelijk aanduidt, heerschende
W." en Z.-winden. Zij nemen dan ook 21 ä 22 pCt. in.
In dien tijd ligt er boven de Middellandsche zee een maximum,
van waar de lucht wegstroomt naar de depressie in den Soedan.
Hierdoor heeft men aan de kusten der Middellandsche zee in den
zomer heerschende noordenwinden.
Opgave.
1. Ga de windrichting in andere werelddeelen na in verband met de isobarenkaart.
2. Vergelijk de isobarenkaart met de isothermenkaart van Juli.
§ 13. Richting der winden in Europa in den winter. In den win-
ter heeft men een uitgebreid maximum (zie de isobarenkaart Januari)
in Azië, en een luchtdruk-minimum, eene depressie van 740 mM.,
boven den Atlantischen Oceaan op 63° N.Br. West-Europa ligt nu
in het gebied der cyclonale luchtbeweging met veel zuidelijke winden.
Bovenal heeft men deze ook op de kust van Noord-Afrika.
§ 14. Onregelmatige depressies en maxima. Behalve deze bijna
regelmatig terugkeerende uitgebreide maxima en minima, ontstaan er
dagelijks nog een groot aantal kleinere depressies en maxima in den
dampkring. De oorzaken van hun ontstaan zijn slechts zelden vol-
doende bekend. Daar om de depressies de beweging het sterkst is,
hebben deze ook de meeste beteekenis. Deze depressies zwerven als
groote luchtdraaikolken door onzen dampkring. Op de meteorologische
instituten in verschillende landen van Europa, in Noord-Amerika
en thans ook in Japan, gaat men de banen dezer depressies na, en
per telegraaf wordt aan alle kantoren, waarmede ze in verbinding
staan, bericht van hunne waarnemingen gezonden. Ook in ons land
heeft men het Meteorologisch Instituut te Utrecht, met eene filiaal-
inrichting te Amsterdam. Door de kennis van de naderende depressies
kan men ook de toekomstige windrichting leeren vinden, en op dezen
grond berusten de weersvoorspellingen in onze dagbladen.
De depressies en maxima worden dagelijks in kaart gebracht,
Modat men gemakkelijk den toestand des dampkrings van een groot
gedeelte der aarde kan overzien, om hieruit voor elke plaats besluiten
te trekken. De nevensgaande kaartjes maken dit duidelijk.
II. Blink, Wis- en Natuurk. Aardrijksk. 5