Boekgegevens
Titel: Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Auteur: Blink, H.
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1885
Opmerking: Met bijlage: Atlas der natuurkundige aardrijkskunde behoorende bij Onze planeet, grondbeginselen ...
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 998 : 1e dr. (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203320
Onderwerp: Aardwetenschappen: fysische geografie, Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Fysische geografie, Kosmologie, Leermiddelen (vorm), Atlassen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
49
dclde. Wanneer men bijv. elk uur van den dag den stand van den
thermometer van eene plaats waarneemt, de telkens gevonden cijfers
bij elkander optelt en de som door 24 deelt, heeft men de gemid-
delde temperatuur voor dien dag. Hoe grooter het aantal waar-
nemingen daarvoor is, des te juister is natuurlijk de uitkomst. De
ervaring heeft echter geleerd, dat men, door het gemiddelde van
drie waarnemingen per dag, nl. te 6 uur 's morgens, 2 uur 's mid-
dags en te 10 uur 's avonds te nemen, een cijfer verkrijgt, hetwelk
met het gemiddelde vrij wel overeenkomt.
Op dezelfde wijze kan men de gemiddelde temperatuur van eene
maand en van eén jaar vinden.
Vraag.
Op welke wijze kan men de gemiddelde temperatuur der maand, en hoe de
gemiddelde jaar-temperatuur viiiden?
§11. Hoogste en laagste dagelijksche en jaarlijksche temperatuur.
Hoewel de zonnestralen bij den hoogsten zonnestand de meeste
warmte geven, is toch op dit oogenblik niet de temperatuur het
hoogst. Deze hoogste temperatuur valt eenigen tijd na den hoog-
sten zonnestand, dus op den dag nä den middag en in het jaarna
den längsten dag. Zooals wij gezien hebben, is de temperatuur van
eene plaats toch niet hetzelfde als de warmte der directe zonne-
stralen. Men zou de temperatuur kunnen noemen het verschil tus-
schen de warmte, die de dampkring door uitstraling verliest., en die., welke
hij ontvangt. Zoolang nu de ontvangst grooter is dan het verlies,
is er toeneming van temperatuur. Daardoor heeft men gemiddeld
de hoogste dagelijksche temperatuur bij ons te 2 ure na den middag,
de laagste kort voor zonsopgang.
Ook heeft men de jaarlijksche temperatuur niet het hoogst op
den längsten dag, maar eenigen tijd later. Juli is bij ons de warmste,
Januari de koudste maand.
Opgave. Verklaar, waardoor Juli gemiddeld bij ons de warmste en Januari de
koudste maand is.
§ 12. Isothermen. Om het overzicht van de verdeeling der
warmte over de aarde gemakkelijk te maken, heeft men kaarten
vervaardigd met lijnen over die plaatsen, welke gelijke gemiddelde
temperatuur hebben. Deze lijnen noemt men isothermen, (isos Gr. =
gelijk-, thermc Gr. = warmte.) Lijnen getrokken over plaatsen met
gelijke gemiddelde jaarlijksche temperatuur noemt men jaar-isothermen
of ook wel enkel isothermen. Lijnen getrokken over plaatsen met
gelijke zomertemperatuur noemt men zomer-isothermen of ook wel
isotheren (isos Gr. = gelijk en theros Gr. == zomer). Eveneens heeft
men winter-isothermen of isochimenen (isos Gr. = gelijk en cheimon
II. r.LiNK, Wis- en Natuurk. Aardrijksk. 4