Boekgegevens
Titel: Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Auteur: Blink, H.
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1885
Opmerking: Met bijlage: Atlas der natuurkundige aardrijkskunde behoorende bij Onze planeet, grondbeginselen ...
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 998 : 1e dr. (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203320
Onderwerp: Aardwetenschappen: fysische geografie, Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Fysische geografie, Kosmologie, Leermiddelen (vorm), Atlassen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
140
blokken worden verweerd. Op den Bloksberg in den Harz en ook in
de Ardennen, o. a. bij La Roche, treft men daarvan voorbeelden aan.
§ 6. Ontstaan van löss of Limburgsche klei. Löss (de naam is
afgeleid van lose — los, naar de weinige vastheid van deze steen-
soort) of Limburgsche klei, zooals ze in ons vaderland genoemd
wordt, omdat men ze hier alleen in de provincie Limburg aan-
treft, is eene geelbruine, kalkhoudende, diluviale kleisoort, die in
uitgebreide lagen in de Middel- en Zuid-Europeesche rivierdalen,
langs de Maas, Schelde, Rhône en Donau, doch ook op berghel-
lingen en in plateaubekkens gevonden wordt. In China beslaat deze
vorming een gebied van grooter oppervlakte dan het Duitsche rijk
en op sommige plaatsen met lagen van 600 M. dik.
Daar deze kleisoort op zulke aanzienlijke hoogten gevonden wordt,
kan zij niet door het water aangevoerd zijn. Hierdoor was het ont-
staan van löss langen tijd een raadsel. In den nieuwsten tijd is
echter gebleken, dat het löss een product is van verweering en
van den wind.
Door verweering worden de rotsen der gebergten aangetast, en wan-
neer nu de wind deze fijne verweeringsproducten als stof medevoert,
kunnen er na duizenden van jaren aanzienlijke ophoogingen hiervan
ontstaan. Landplanten en landdieren worden door dit saamgewaaide
verweeringsstof ingesloten en laten hunne indrukken er in achter.
Deze ophoopingen leveren de grondproducten van het löss. Eerst
is het gewoonlijk eene zoutsteppe (onder de medegevoerde stofdeelen
wordt nl. ook zout gevonden), die na uitlooging van het zout door
rivieren in eene vruchtbare lösslaag overgaat.
§ 7. Ontstaan der duinen. Zandverstuivingen. Onder duinen ver-
staat men heuvelrijen van fijn zand langs de kusten. Ophoopingen
van fijn zand in het land noemt men zandverstuivingen. De naam
van laatstgenoemde wijst reeds als oorzaak dier zandophoogingen
den wind aan.
Aan vlakke, zandige zeekusten, heeft men dikwijls een streek
lands, die bij ebbe bloot komt, doch met eiken vloed onderwater
staat. Het zand, dat de golven hier bij hoog water aanvoeren, wordt
tijdens ebbe droog, en zoo er landwaarts waaiende winden heerschen,
voeren deze bij zonnig weer het fijne stofzand mede naar het land.
Zoodra echter de wind op het eene of andere vaste voorwerp ge-
broken wordt, laat hij het zand weder vallen, en dit hoopt zich
aan de windzijde van dat voorwerp als een heuvel op.
Op zonnige zomerdagen met frisschen zeewind kan men gemakkelijk