Boekgegevens
Titel: Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Auteur: Blink, H.
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1885
Opmerking: Met bijlage: Atlas der natuurkundige aardrijkskunde behoorende bij Onze planeet, grondbeginselen ...
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 998 : 1e dr. (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203320
Onderwerp: Aardwetenschappen: fysische geografie, Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Fysische geografie, Kosmologie, Leermiddelen (vorm), Atlassen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
125
zijne hoogte telkens gewijzigd. Ook de vorm ondergaat bij hevige uit-
barstingen telkens veranderingen , doordien de wanden somtijds door-
breken en een nieuwe krater zich vormt op de helling van den ouden.
Zeer vele vulkanische bergen zijn door een ringwal omgeven,
welke naär buiten zacht afhelt, doch die naar binnen steil is en
op enkele plaatsen wordt afgebroken. Deze ringwallen bestaan uit
vulkanische stoffen, en zijn te beschouwen als de overblijfselen van
een grooten vulkaan, die een tijdlang niet werkte en in wiens krater
eindelijk een nieuwe vulkaan ontstond. Fig. 62 geeft eene denkbeel-
dige doorsnede van den Vesuvius, waar ^ de Monte Somma is, welke
hier een overblijfsel van dien ouden krater vertoont. De cirkelvormige
ruimte tusschen den ouden en den nieuwen vulkaan noemt men hier
Atrio del Cavallo.
Fig. 62.
Doorsnede van den Vesuvius.
A. Monte Somma (een oude tufkegel). B. Lavakegel van den Vesuvius.
C. Asch- en puinkegel. D. Kleine parasietkegels. E. Inwendige lavaruimte.
F. Atrio del Cavallo.
De thans beschreven vulkanen, die door op elkander volgende
uitbarstingen opgebouwd zijn en daardoor laagvormige gesteenten
deden ontstaan, behooren tot de strato-vulkanen.
b. Homogene vulkanen (homós Gr. = gelijk, eenerlei ; genos
Gr. = geslacht, soort; dus = gelijksoortig). De homogene of massale
vulkanen bestaan niet uit lagen maar uit eene compacte massa.
De klokvormige bergen en de domvormige toppen van basalt en
trachiet, alsmede de dekvormige lavalagen, welke zich als basaltbed-
dingen uitstrekken, behooren hiertoe. De Drachenfels, de Puy de
Dôme en een groot aantal toppen in Zevenbergen, het Westerwoud,
den Eifel, de Andes, enz. geven hiervan voorbeelden. De homogene
vulkanen ontstaan door een rustig'opborrelen van eene taaie lava-
massa. Heeft de lava bij het te voorschijn komen haar verstijvings-
punt bijna bereikt, dan hoopt zij zich tot een domvulkaan op. De
vulkanische uitbarstingen in 1866 bij Santorino (Middell. zee) deden