Boekgegevens
Titel: Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Auteur: Blink, H.
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1885
Opmerking: Met bijlage: Atlas der natuurkundige aardrijkskunde behoorende bij Onze planeet, grondbeginselen ...
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 998 : 1e dr. (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203320
Onderwerp: Aardwetenschappen: fysische geografie, Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Fysische geografie, Kosmologie, Leermiddelen (vorm), Atlassen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Onze planeet: grondbeginselen der wis- en natuurkundige aardrijkskunde ten dienste van Hoogere Burgerscholen, Normaalscholen en tot zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
103
Vraag.
1. Als de aarde eens in 12 uren om hare as wentelde, welken invloed zou
dit op den haventijd hebben?
§ 4- Vloed van maan en zon. Maan en zon vormen ieder een
vloedgolf aan de tegengestelde zijden der aarde. Daardoor verster-
ken deze beide vloedgolven elkander bij nieuwe en volle maan en
heeft men dan den hoogsten vloed en de laagste ebbe. Men noemt
dit springtijden.
Fig. 48.
Maxui-ebh^
Zon-vhyeA.
Maan
vloed
Zan-ehbt-
Zon -ebbe-
Maan-vlotd.
' eeT\sie hmarUer
Maan
Zon -uloed,
Maan-ebbe
Zan
Bij eerste en laatste kwartier is het anders gesteld. In fig, 48 is
de stand van zon en maan ten opzichte der aarde aangeduid bij
eerste kwartier. Beide brengen nu aan de tegengestelde zijden der
aarde vloed voort, en ook op twee plaatsen ebbe. Doch waar de
maan vloed doet ontstaan, veroorzaakt de zon ebbe en omgekeerd.
Hierdoor is tijdens de kwartierstanden die afwisseling van hoog- en
laagv/ater gering, en noemt men dit doode getijden.
Langs de kusten, waar het water in smaltoeloopende bochten
dringt, is het verschil van ebbe en vloed het grootst. Bij St. Malo
bedraagt dit verschil wel 15 M.; bij de Fundybaai (N. Amerika)
zelfs over 21 M. In volle zee is het verschil hoogstens 2^ M.
Het ontstaan van ebbe en vloed kan men aldus samenvatten: