Boekgegevens
Titel: Korte handleiding tot het gebruik der aardglobe bij het onderwijs in de wiskunstige aardrijksbeschrijving voor gymnasia, hoogere burgerscholen, instituten en tot zelfoefening
Auteur: Hennekeler, G. van
Uitgave: Assen: J.O. van Houten, 1867
4e verbeterde en verm. dr; 1e dr.: 1853
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4574
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203283
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen, (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Globes, Kosmografie, Tijdrekening, Positiebepaling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte handleiding tot het gebruik der aardglobe bij het onderwijs in de wiskunstige aardrijksbeschrijving voor gymnasia, hoogere burgerscholen, instituten en tot zelfoefening
Vorige scan Volgende scanScanned page
66-
Men begrijpt lichtelijk, dat door de veranderiijkheidi
der miswijzing, deze wijze van richten der globe, raefcl
betrekking tot den meridiaan of de streken van deni
horizon, niet volkomen is, maar voor de volgende(
vraagstukken is zij, zonder die juiste nauwkeurigheidil
even voldoende.
Heeft men bij de globe geen kompas, dan kan mem
op de volgende wyze de richting van den meridiaan dti
plaats, waar men zich bevindt, zoeken, en vervolgens;
het vlak van den verdeelden rand des algemeenen me-?
ridiaaus iri het vlak van den gevonden middagcirkel;
brengen: men plaatse een stijltje met een fijne punfi
loodrecht op een horizontaal vlak, waarop men eenige(
cirkels heeft getrokken, in wier middelpunt het stijltjei
is opgericht. "Vóór en na den middag teekene men nauw-
keurig aan, waar de top der schaduw van het scherpei
uiteinde van het stijltje in de getrokkene cirkelomtrek-:
ken eindigt. De lijn , die door het midden van de ,
door deze punten aangewezene bogen , en het middel-I
punt gaat, is de richting van den meridiaan der plaats (*).i
Nadat men den horizon der globe overeenkomstig!
den horizon der plaats gesteld heeft, waar men zichli
bevindt, verh«ft men de noordpool der globe zoo veet
graden boven den noorder of de zuidpool boven deni
(*) Wil men deze bepaling van de richiing van den meridiaaDi
der plaats, waar men zich bevindt, nog juister en met met meer wet
tenswaardige bijzonderheden kennen, dan raadplege men het nuttige
werkje: Over de Burgerlijke Tijdsbepaling. Amsterdam 1847, vani
Dr, ï. j, stamkabt.