Boekgegevens
Titel: Korte handleiding tot het gebruik der aardglobe bij het onderwijs in de wiskunstige aardrijksbeschrijving voor gymnasia, hoogere burgerscholen, instituten en tot zelfoefening
Auteur: Hennekeler, G. van
Uitgave: Assen: J.O. van Houten, 1867
4e verbeterde en verm. dr; 1e dr.: 1853
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4574
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203283
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen, (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Globes, Kosmografie, Tijdrekening, Positiebepaling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte handleiding tot het gebruik der aardglobe bij het onderwijs in de wiskunstige aardrijksbeschrijving voor gymnasia, hoogere burgerscholen, instituten en tot zelfoefening
Vorige scan Volgende scanScanned page
171-
getneenen meridiaan, waarna Men den uurwijzer op 13
uren middag stelt. Nu plaatst men eene naald op de
pjaats der zon in de eoliptica loodrecht op da globe,
zoodat het verlengde der naald door het middelpunt
der globe gaat, en beweegt de globe om hare as, tot
dat de naald zich juist loodrecht onder de zon bevindt
en derhalve geene schaduw geeft. Heeft men dezen
stand der globe gevonden , dan zal de uurwijzer den
tijd van den dag aanwijzen.
82, VEAAGSTUK.
Men vraagt de hoogte en het aiimuth der maan, door mid-
del van de aardglobe en een sterrekundig jaarboek , voor em
gegeven uur van- een dag det jaart, te bepalen't
Om dit vraagstuk op te lossen, moet mçn een ster-
rekundig jaarboek bij de hand hebben, b. v. de Con-
naissance des Temps of hef Berliner Astronomisches
Jahrbuch von j. F. Encke. De declinatien en rechte
opklimmingen , de lengten en breedten der maan,
uit het middelpunt der aarde gezien , worden in dezs
jaarboeken op den middag en op den middernacht v«n
eiken dag des jaars , en dus van 12 tot 18 uren, in
de Connaissance des Temps, volgens den middagcirtcel
van Parijs, en in het jaarboek vau Enckb , volgens
den meridiaan van Berlijn, opgegeven.
Zij b. V. gevraagd: de hoogte en bet azimuth der.
m^n te vinden voor Amsterdam, op den 16 Decemb*
1858 , 'savonds te 10 uren?