Boekgegevens
Titel: Korte handleiding tot het gebruik der aardglobe bij het onderwijs in de wiskunstige aardrijksbeschrijving voor gymnasia, hoogere burgerscholen, instituten en tot zelfoefening
Auteur: Hennekeler, G. van
Uitgave: Assen: J.O. van Houten, 1867
4e verbeterde en verm. dr; 1e dr.: 1853
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4574
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203283
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen, (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Globes, Kosmografie, Tijdrekening, Positiebepaling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte handleiding tot het gebruik der aardglobe bij het onderwijs in de wiskunstige aardrijksbeschrijving voor gymnasia, hoogere burgerscholen, instituten en tot zelfoefening
Vorige scan Volgende scanScanned page
99
•van den algemeenen meridiaan , en zette den uurwijzer
op 12 uren middag; verder draaie men de globe, nadat
men den Verticaalcirkel in het toppunt vastgeschroefd
heeft, tot het punt van dien cirkel, dat de gegevene
hoogte der zon aanwijst, met de plaats der zon in de
ecliptica aamenvalt. 1 eeft men dezen stand der globe
en des verticaalcirkels gevonden , dan wijst de uurwij-
zer het uur van den vóór- of namiddag aan en de voet
van den verticaalcirkel op den horizon het azimuth.
Zij b. B. gevraagd naar hel uur en het azimulh der zon van
ien 12 Juni , wanneer de zon 50® hoo^le heeft voor de
reedte -van Amsterdam ?
of anders:
Wanneer gegeven is, de breedte van de plaats 52"'S0' «.,
k decltnatie 23»28' n. en de hoogte der zon hü', vraagt men
fe» uurhoek en het azimuth der zon ie vinden ?
Dewijl de plaats van de zon de 1ste graad van den
•kreeft is, plaatst men dien graad van de ecliptica aan
den verdeelden rand van den algemeenen meridiaan ,
nadat men de globe overeenkomstig 52®3Ü' n. breedte
gesteld heeft, en zet den uurwijzer op 12 oren middag.
Nu draait men de globe en den verticaalcirkel, die in
het toppunt vastgescTiroefd is, tot de 50ste graad van
dien v^erticaalcirkel langs den Isten graad van den
Kreeft valt; ziet men thans op den uurcirkel en op den
•horizon, dan vindt men ; dat de uurwijzer nagenoeg
9'/, uur in den voormiddag of ongeveer 2'/, nur na
7*