Boekgegevens
Titel: Korte handleiding tot het gebruik der aardglobe bij het onderwijs in de wiskunstige aardrijksbeschrijving voor gymnasia, hoogere burgerscholen, instituten en tot zelfoefening
Auteur: Hennekeler, G. van
Uitgave: Assen: J.O. van Houten, 1867
4e verbeterde en verm. dr; 1e dr.: 1853
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4574
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203283
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen, (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Globes, Kosmografie, Tijdrekening, Positiebepaling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte handleiding tot het gebruik der aardglobe bij het onderwijs in de wiskunstige aardrijksbeschrijving voor gymnasia, hoogere burgerscholen, instituten en tot zelfoefening
Vorige scan Volgende scanScanned page
87-
Deze aanmerking' geldt tevens voor de volgende
vraagstukken.
Men beschouwe nog op dezelfde wijze de hemelstan-
den onder 15", 45" en 75° noorder en zuider breedte.
II. VEAAGSTÜK.
De letKjle van de zon of de plaats van de zon in de eclip'
tica, voor een' gegeven dag des jaars, op de aardglobe te
vinden, b.v. voor den 1 Oct. 18 50?
Men zoekt den gegeven dag des jaars op den hori-
zon , en wel, voor globen, die 4 dagcirkels op den
horizon hebben, in den tweeden dageirkel, dewijl 1850
het tweede jaar na een schrikkeljaar is; vervolgens ziet
men met welken graad van eenig teeken des dieren-
rieras deze dag op den horizon overeenstemt: voorden
1 October 18 50 zal men dan vinden 8" in Libra of de
weegschacd of 8" in het 7de teeken van den dierenriem.
De lengte van de zon voor dien dag is dus 6 x 30
+ 8 = 188".
Zoekt men verder dezen graad 'of den 8" van Libra
in de ecliptica op de globe, dan heeft men de plaats
der zon voor den 1 October 1850.
Deze bepaling van de lengte der zon is echter
eenigzins onjuist, dewijl men de plaats der zon in de
ecliptica op den horizon, alleen in de onderstelling,
dat de schijnbare beweging der zon in hare loopbaan
regelmatig is, kan aanwijzen.
" '1 IJ