Boekgegevens
Titel: Uit het leven der aarde: geografische studiën en fantasiën
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2432
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203272
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Uit het leven der aarde: geografische studiën en fantasiën
Vorige scan Volgende scanScanned page
37 VAN TIEN-TSIN NAAR NISHNY-NOWOCIROD.
de Jenissei, die om dezen tijd in het vroege voorjaar
nog met eene ijskorst is bedekt en daarom evenals alle
Siberische rivieren minder belangrijk is voor het verkeer
dan wel voor de vischvangst. Elk jaar komen zalm en
steur en andere riviervisschen in zulke groote scholen
den stroom op om kuit te schieten, dat zij door de
stammen aan de oevers als het ware op geregelde tijden
geoogst kunnen worden. Van Krasnojarsk trekt de kara-
vaan weêr verder naar Tomsk aan de Ob, vanwaar in
den zomer de goudzoekers uitgaan om in het Altaige-
bergte de mijnen te ontginnen. Dan hebben zij de grootste
ellende te verduren en voeden zich soms met het ge-
kookte leêr van hunne laarzen, ja zelfs, als de nood
dringt, met het vleesch hunner makkers. Doch in den
winter keeren zij met de verworven schatten naar de
stad terug om daar in eene ongeloofelijke verkwisting
zich voor de geleden ontberingen schadeloos te stellen.
Zij baden zich in champagne, hoewel die hier tien tot
twaalf gulden de flesch kost en brengen de nachten
door in de speelhuizen, waarin soms 40.000 roebels op
eene enkele kaart worden gezet.
Tusschen Tomsk aan de Ob en Omsk aan de
Irtisch strekt zich de Barabinskische steppe uit, welke
samenhangt met de Toeranische woestijn. Nu wordt het
paard weêr door den kameel en de Jakoet als begeleider