Boekgegevens
Titel: Uit het leven der aarde: geografische studiën en fantasiën
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2432
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203272
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Uit het leven der aarde: geografische studiën en fantasiën
Vorige scan Volgende scanScanned page
VAN TIEN-TSIN NAAR NISllNV-NO\VG( >ROU. 29
vest van pels met mouwen aan, doet daarover een kaftan
uit rendier- of paardevel, cn daarover weêr een warwarka
van rendiervel, dat wil zeggen een zak, die eene ope-
ning voor het gezicht heeft en tot de heupen reikt.
Daarbij komen een haarnet tot bescherming der oogen,
opdat deze niet door de sneeuw worden verblind, de
warme vuisthandschoen, de lange laars uit rendiervel,
de kous uit hazen- en nog een opperkleed uit rendiervel.
Ook mogen de I-ischi niet ontbreken, sneeuwschoenen
om op de sneeuw te gaan, die dikwijls anderhalf el
hoog ligt en waarin onbepakte i)aarden een weg moeten
banen. De reiziger bestijgt een Jakoetisch jiaard; en alle
paarden, welke de eigenlijke karavaan vormen, worden
met een of anderhalf centenaar beladen. Men doet het
voorste een strik om den hals en bevestigt alle aan
elkaar, zoodat ze in de rei moeten gaan en niet ter zijde
kunnen springen.» Nu eens gaat het langs een smal berg-
pad, waar men de paarden losmaakt en ieder zoo goed
mogelijk zijn eigen weg laat zoeken, dan over de be-
driegelijke oppervlakte der toendra's, waar het paard dik-
wijls tot den buik in wegzinkt. Dan is er geen moge-
lijkheid meer het er uit te halen, de reiziger stijgt af en
kruipt op zijn buik voorzichtig naar een drooge plaats,
terwijl het paard geslacht wordt om de beste stukken
van het vleesch zelf te eten en het overige aan de hon-