Boekgegevens
Titel: Uit het leven der aarde: geografische studiën en fantasiën
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2432
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203272
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Uit het leven der aarde: geografische studiën en fantasiën
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE WOESTIJN EN DE MENSCH. 122
zijne kanalen, die door de verbinding met de Middel-
landsche zee de lagere gedeelten in eene watervlakte
moeten veranderen, welke den schepen toegang zou ver-
leenen tot de binnenste gedeelten van Afrika, of hij wil
den stoom aanwenden, om de gevaren van de karavaan-
reis door een spoorweg op te heffen.
Een spoorweg door de woestijn! Nog kort geleden
heeft de groote ontdekkingsreiziger Rohlfs de bezwaren
besproken, welke aan zulk een werk verbonden zouden
zijn. Het grootste acht hij wel het volslagen gemis van
steenkolen, en om dit te verhelpen geeft hij het denkbeeld
aan om in de altijd heldere lucht zich te bedienen van
buitengewoon sterke brandglazen om het water te doen
koken. Eene stoute gedachte: juist die verschroeiende
zonnehitte, welke de groote hinderpaal was voor het ver-
keer in de woestijn, ter bevordering van dat verkeer
aan te wenden. In allen gevalle, het plan moge uit-
voerbaar zijn of niet, de mensch , welke zoo veel onge-
loofelijks tot stand heeft gebracht, zal ook de technische
bezwaren, aan zulk een werk verbonden, wel weten te
overwinnen, en eerst dan zal hij recht hebben op den
naam, welken hij zich nu een weinig te vroeg heeft
aangematigd — heerscher der schepping.