Boekgegevens
Titel: Uit het leven der aarde: geografische studiën en fantasiën
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2432
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203272
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Uit het leven der aarde: geografische studiën en fantasiën
Vorige scan Volgende scanScanned page
102
DE DIEREN DER WOESTIJN.
nen en de kalme maan beschijnt de onbewogen vlakte.
Daar nadert eene kudde giraffen den waterplas, om, even-
als de anderen vroeger, hunnen dorst telesschen. Voor-
zichtig zorgen zij onder den wind de bron te naderen,
opdat zij te rechter tijd elk gevaar mogen bemerken.
Slechts eene heeft zich onvoorzichtig van den troep ver-
wijderd om zich te goed te doen aan de bladeren en
takken der giraffen-acacia, welke zij met haren langen
hals weet te bereiken; daar
«Hoor! het ritselt in de biezen, plotsling springt de vorst der dierea
Op haar nek met dondrend brullen. Welk een rijpaard! Kon ooit sieren
Rijker kleed het edelst pronkstuk uit eens konings stoeterijen
Dan het bonte vel, bestegen door den heer der woestenijen? i)
Gretig slaat hij zijne tanden in haar nek, zijn manen wuiven
Om haar schouders. Opgesprongen, met een kreet van smarte, stuiven
Reuzenpaard en ruiter voorwaarts. Zie 't zijn laatste kracht vergaren,
Kn hoe 'taan het vel des panters kemelssnelheid weet te paren.
Voorwaarts ijlt het door de vlakte: zie de lichte hoeven glijden
Over 'tveld bij 't bleeke maanlicht. Langs de bruingevlekte zijden
Der gepijnigde giraffe gudst het bloed in zwarte droppen;
De woestijn, in doodsche stilte, hoort het hart des vluchtlings kloppen.
I) Volgens Brehm bevat deze meesterlijke schildering in Freilig-
rath's Lowenritt de volle waarheid, behalve waar hij ook den
gier den nachtelijken tocht des konings doet volgen, om welke
reden ik gemeend heb, bij 't vertalen, deze passage eenigszins te
moeten wijzigen.