Boekgegevens
Titel: Leerplichtigheid
Auteur: Kerdijk, A.; Opzoomer, C.W.
Uitgave: Utrecht: J.L. Beijers, 1870
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. N a 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203258
Onderwerp: Onderwijs: recht op onderwijs
Trefwoord: Leerplicht
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerplichtigheid
Vorige scan Volgende scanScanned page
Leid) een bepaalde nederlaag geleden heeft; bestaat zij
in alle Duitsche staten, in Zweden, Noorwegen en Dene
marken, in de Zwitsersche kantons op vier na, in ver-
scheiden staten van Noord-Amerika, in Portugal, Spanje,
Italië en Turkije. Ik haast mij echter er bij te voegen,
dat zij in de vier laatste staten slechts in naam, inderdaad
niet bestaat.
Er is misschien geen zaak, die zulk een heirleger van
tegenstanders telt als de leerplichtigheid in ons vaderland.
Er zijn er, die zelfs in 'talgemeen de goede vruchten van
het onderwijs voor de lagere klassen lang niet boven allen
twijfel verheven achten. Sommigen beschouwen de leer-
plichtigheid als een inbreuk op de individuele vrijheid, op
de vaderlijke macht, op de vrijheid van geweten; als iets,
waartoe de staat geen recht, laat staan de plicht heeft.
Anderen ontkennen, dat de leerplichtigheid haar doel be-
reikt; of beweren althans, dat datzelfde doel even goed op
zachter wijze kan bereikt worden. Nog anderen beweren,
dat de leerplichtigheid ia geen geval voor toepassing vat-
baar is in Nederland, waar de grondwet de vrijheid van
onderwijs waarborgt. Nog anderen eindelijk, dat haar in-
voering in ons vaderland, althans onder de bestaande school-
wetgeving, een zedelijke onmogelijkheid is.
Zóó lijnrecht mogelijk sta ik tegenover al die tegen-
standers. Wat zij beweren, ontken ik; wat zij ontkennen,
beweer ik.
Het geheele veld der kwestie is nauwelijks in eens te
overzien, üp praktische zoowel als op theoretische gronden
wordt de leerplichtigheid bestreden. Daarom, om den ge-
regelden gang van mijn betoog te verzekeren, heb ik het
in drie deelen gesplitst. Drie stellingen wil ik achtereen-
volgens trachten te bewijzen; en daarbij telkens de argu-
menten bestrijden, die m. i. kunnen worden ingebracht
tegen de zauk, die ik voorsta.