Boekgegevens
Titel: Leerplichtigheid
Auteur: Kerdijk, A.; Opzoomer, C.W.
Uitgave: Utrecht: J.L. Beijers, 1870
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. N a 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203258
Onderwerp: Onderwijs: recht op onderwijs
Trefwoord: Leerplicht
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerplichtigheid
Vorige scan Volgende scanScanned page
Hi
54
Daarenboven, men vergete niet, dat al die straf bepalingen
en de gebeele kwestie der rechtspraak slechts zaken van
overgang zijn, dat men, na eenige jaren nauwgezette band-
having, de dwangmiddelen ten onzent even zelden zal be-
hoeven toe te passen als in Pruissen. En dan herhaal ik
mijn vraag: is liet niet der moeite overwaard, dat Nederland
eenige zware jaren beleve, om tot zulk een benijdenswaar-
digen toestand te geraken?
4®. De contrôle op de schoolverzuimen kan niet gehouden
worden zonder medewerking der onderwijzers; maar van de
onderwijzers der bijzondere, vooral der Christelijk-Nationale en
Ultramontaansche scholen, heeft de staat die medewerking
niet te verwachten *).
Het is merkwaardig, hoe op die wijze menig gemoedelijk
man een beleediging toevoegt aan hen, voor wie hij schijn-
De HH. Algernon Egerton, Bruce en Forster schijnen dat
beroep op den rechter niet noodig te achten. Ten minste in het wetsontwerp
op de leerplichtigheid, dat zij in 1867 als leden van het Engelsche Parlement
indienden maar dat onafgedaan bleef, lees ik omtrent de toepassing der poenale
sanctie niets dan het volgende: „After the adoption of this Act, in any
borough or schooldistrict, parents who neglect to provide for the education
of such of their children as are between the ages of 5 and 13 years, or to
send then to some public free schools, may, after 14 days notice in each case,
be summoned by the schoolcommiitee, and may be fined in any sum not
exceeding 40 sh., if satisfactory reasons for absence be not given, and if the
children are not in the meantime sent to school."
*) Farncombe Sanders t. a. p. bl. 9: „Hoe zal men te weten komen,
dat een kind de school heeft verzuimd? Op de openbare scholen schijnt de
zaak zeer eenvoudig, — men gelast den onderwijzer, dat hij een register van
verzuimde schooltijden houde; maar voor de bijzondere scholen wordt het een
geheel andere vraag. Vele van die scholen zijn onder besturen geplaatst ^ die
zeer weinig met de inmenging van 7 staatsgezag in H onderwijs ingenomen zijn;
bijna allen, voor zoover het volksscholen zijn, maken eenigermate concurrentie
tegen de openbare school; van verscheidene zijn de onderwijzers van de ouders
dor leerlingen afhankelijk. Is nu op de groote meerderheid dezer scholeu
gewillige medewerking waarschijnlijk te achten?" Ik weet niet, of ik den heer
Sanders onrecht doe; maar uit de door mij cursief geschreven woorden maak
ik op, dat hij inderdaad 't oog heeft op de scholen der Anti-revolutionairen
en tJltramontanen.