Boekgegevens
Titel: Leerplichtigheid
Auteur: Kerdijk, A.; Opzoomer, C.W.
Uitgave: Utrecht: J.L. Beijers, 1870
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. N a 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203258
Onderwerp: Onderwijs: recht op onderwijs
Trefwoord: Leerplicht
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerplichtigheid
Vorige scan Volgende scanScanned page
47
trachten te verkleinen door bajonets-argumenten, die inder-
daad slechts onbekendheid met land en volk verraden. Laat
ons liever gaaf erkennen, dat, terwijl wij in zooveel op-
zichten hooger staan dan Pruissen, het op het punt van
verspreiding van ondevwijs ons ten voorbeeld kan strekken.
Laat ons liever den boom, die ginds zoo uitstekende vruch-
ten afwierp, overplanten op onzen vaderlandschen bodem,
dan hem, die den boom ginds plantte, met goedkoope
smaadredenen bij onze landgenooten in diskrediet brengen.
Maar bovendien, is Pruissen het eenige land, waar de
leerplichtigheid streng wordt gehandhaafd? Is Zwitserland
ook al een militairstaat geworden? i)e Zwitser is zóó
tuk op zijn individuële vrijheid als eenig volk ter aarde;
maar gaarne onderwerpt hij zich aan maatregelen, die het
heil van zijn land kunnen bevorderen. En zoo zal het bij
ons, hoop ik, ook nog wel zijn.
Trouwens, wat bedoelt men met dat dwang-argument?
üat het ISederlandsche volk afkeer heeft van onnoodigen
dwang? Dat geef ik gaarne toe, maar dan heeft de tegen-
werping geen waarde; daar hier sprake is van een dwang,
die wel degelijk noodig is, noodig in de hoogste mate. Of,
dat het Nederlandsche volk zich niet wil onderwerpen zelfs
aan maatregelen, die het belang van het individu zoowel als het
algemeen welzijn dringend eischen? Zal de tegenwerping iets
beteekenen, zoo moet zij wel in dezen zin worden opgevat;
maar dan veroorloof ik mij de opmerking, dat zij, die dit
argument aanvoeren, op ons volkskarakter een smet werpen,
die het niet verdient. Eischt het gemeen belang een maat-
regel, zoo onderwerpt de Nederlander zich daaraan; want
na of met den Engelschman is hij het juist, die eerbied
heeft voor de wet, die de maatschappelijke orde en daar-
door zijn vrijheid beschermt.
Het is mij altijd voorgekomen, dat de tegenstanders der
leerplichtigheid, in hun woesten afkeer van den dwang.