Boekgegevens
Titel: Leerplichtigheid
Auteur: Kerdijk, A.; Opzoomer, C.W.
Uitgave: Utrecht: J.L. Beijers, 1870
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. N a 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203258
Onderwerp: Onderwijs: recht op onderwijs
Trefwoord: Leerplicht
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerplichtigheid
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
belang en het welzijn van allen zich aldus vergrijpen, daar
moet de staat tusschen beiden treden ').
In Duitschland beschouwt men leerplichtigheid en dienst-
plichtigheid als correlaria. En met recht. Is de burger
verplicht, de wapenen te dragen tegen den buitenlandschen
vijand, hij is het even goed tot bestrijding van dien veel
gevaarlijker binnenlandschen, de onkunde.
4°. De leerplichtigheid maakt inbreuk op de vrijheid van
geweten.
Maar hoe? Bij de leerplichtigheid, zooals wij die ver-
staan, eischt de staat alléén, dat de kinderen onderwijs
genieten; de keuze van het onderwijs laat hij aan de ouders
over. Hoe zou er dan sprake kunnen zijn van verkorting
van de vrijheid van geweten? Of zijn er soms, wier ge-
weten hun gebiedt, hun kinderen geen onderwijs te doen
genieten?
Nu weet ik wel, dat sommigen met dat beroep op de
vrijheid van geweten het oog hebben op den ten onzent
bestaanden strijd tegen de openbare school; doch voor de
bespreking van dat punt moet ik uitstel vragen tot de be-
handeling mijner derde stelling. Dan zal ik het bezwaar
bespreken, thans niet. Tot dat uitstel vind ik te meer
vrijheid, omdat ik de leerplichtigheid — m. a. w. de alge-
meene deelname aan het onderwijs — boven alles stel;
blijkt het, dat zij niet vereenigbaar is met de bestaande school-
wetgeving — welnu! dan worde deze gewijzigd, maar de
leerplichtigheid worde ingevoerd.
5°. De leerplichtigheid maakt inbreuk op de individuële
vrijheid
') Zoo ongeveer sprak ook de Heer van Deinse, iu de zitting der Tweede
Kamer van 29 Junij 1857.
') Altmeijer t. a. p. bl. XIV: „Le citoyen doit s'appartenir tout entier.
Il doit disposer librement de son intelligence comme de son corps. La servi-
tude du corps a disparu. L'instruction forcément obligatoire, c'est-à-dire par