Boekgegevens
Titel: Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Deel: Dl. 7-8Vitaulium $ Hofwijk $ Spaansche wijsheit $ vertaalde spreekwoorden
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 107/108
Auteur: Huygens, Constantijn; Vloten, J. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IN BEWERKING
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203253
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 16 -
Had my d* eersucht al vermant,
Kn de Pen was in de hand,
En de Heden aen het swymen.
En de Dichter aen het rijmen.
En de veder in den int,
Om een naem voor 't honte kind.
Hofwijcks Hoogh-beroemde Schrijver,
Dus geraeckt' ick door den yver,
Die de reden had verbluft.
Van het pejnsen half versuft,
Aen het raen en aen het rijmen,
Aen het voegen, aen het lijmen,
Aen het krabblen met de pen,
Waer van ick dit naschrift 1) sen 2).
Heb ick *t wit niet kunnen raecken
Van 't profytelickst vermaecken,
Soo ick in den naem hier mis
Wat èn nut èn vrolicks is;
Heb ick 't bey niet kunnen raemen
Wilt de Meester niet beschaemen.
En die mee is van de kunst,
Deck mijn feilen met sijn gunst! —
20 Julij, 1653.
(JACOB WESTERBAEN),
1) Zie volgende gedichten. 2) Voor zend, gelijk vin voor vind, enz.