Boekgegevens
Titel: Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Deel: Dl. 7-8Vitaulium $ Hofwijk $ Spaansche wijsheit $ vertaalde spreekwoorden
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 107/108
Auteur: Huygens, Constantijn; Vloten, J. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IN BEWERKING
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203253
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Vorige scan Volgende scanScanned page
AEN MIJN III5ER
MIJN HEER VAN ZUYLICHEM
Over het lesen van sijn Eds.
H O F WIJ C K.
t Is een dagli of vier geleden,
bat ick hallif moê getreden
Door de paedtjes van mijn hof
Wat gingh sitten onder 't lofl),
Daer de hitte niet kan nypen
Onder 't lommeren van ypen,
Op een banckje van een deel 2),
In een koel en groen prieel;
Daer de dichte ftaedjes weeren
Dat de Son my niet kan deeren.
Schoon hy op de middagh blaeckt.
Als hy 't Hemel-kreeftje naeckt.
_0m mijn eensaemheit t' ontvluchten,
Die _my somtijds doet versuchten,
Als ick aersel op de schaê 3)
Van mijn afgestorven gaê,
(Wie kan steeds den mensch verkrachten)?
Liet ick drijven mijn gedachten 4),
1) loof. 2) plank. 3) 't verlies. 4) Weaterbaens overleden vrouw, na
welker dood hij zich op Ockenburgh gevestigd had.