Boekgegevens
Titel: Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Deel: Dl. 7-8Vitaulium $ Hofwijk $ Spaansche wijsheit $ vertaalde spreekwoorden
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 107/108
Auteur: Huygens, Constantijn; Vloten, J. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IN BEWERKING
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203253
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 189 —
Men sal hem onderhalen,
En over hondert Jaer de Beenen doen betalen^
1046 Steeekt veel klein Viskens in den mond,
Soo eet ghy veeier aersen stront.
104:7 Die wat eet en wat laet staen.
Kan twee mael ter tafel gaen.
104:8 Die 't Vleesch heeft wegh gedragen,
Magh oock de Beenen knagen.
1049 Die een Peerd derft koopcn,
Koopt sich sorgh met hoopen.
1050 Die al koopt dat siju gerief is.
Moet verkoopen dat hem lief is.
1051 Die daer koopt eu weêr verkoopt.
Voelt niet, hoe siju Goed verloopt.
1052 Die sich in spotterny van oude liên vermaeckt.
Eerst lacht hy; maer het volght, dat hy aen 't
(schreyen raeckt
1053 Met kinderen te Bedd* te gaen,
Is om bescheten op te staen.
1054 Met Honden in sijn Bedd' gegaen,
Is met de Vloyeu opgestaen.
1055 Die jongh gedierte queeckt en voedt.
Vermeerdert nacht en dagh sijn Goed.
1056 Hy heeft seer wel verkocht, die wel gegeven heeft,
Soo 't maer geen Geck is dien hy geeft.
1057 Die voor siju sterven,
Sijn Goed wil derven,
Maeck' sich gereed
Tot alle leed.
1058 Die wat Hand-giftjens kan doen smaecken,
Weet van sijn onrecht recht te maecken.