Boekgegevens
Titel: Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Deel: Dl. 7-8Vitaulium $ Hofwijk $ Spaansche wijsheit $ vertaalde spreekwoorden
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 107/108
Auteur: Huygens, Constantijn; Vloten, J. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IN BEWERKING
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203253
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 164 -
700 't Is tegen regel en costuym,
Sijn Huyd te krabben met sijn Duym,
701 Notaris en Barbier en Hoer,
Al ééne slagh en al één voer,
702 Eerst in 't Boeck geschreven,
Üan uw Geld gegeven.
O f
Eerst my Geld getelt.
Dan te Boeck gestelt.
70Ü Schroomt niet voor Hout en Turf te geven,
Goet Vier is half des Meuschen Leven.
704 't Geweer geplant
In een Sots hand:
Gevaer en straff'
Voor die 't hem gaf,
705 Een Moolick 1), die noyt Wind en liet,
Bewaert soo veel Velds als hy siet.
706 Dat's van de beste die men siet.
l)ie by 't Vier staet en brandt haer niet.
707 He rechte Vrouw van waerden is,
Uie dood en onder d'aerden is.
708 Dat's recht een Bruyloftsgast te seggen.
Die met de Bruyd te bedd* gaet leggen.
709 Het is een man, die Koningh heeten magh,
Die noyt en quam, daer hy een Koningh sagh 2).
710 De Man komt lichtelick te voren.
Die doet daer toe hy is geboren.
711 Dat is de beste slagh van Vrouwen die men vindt.
Die alle man vervolght, en niemand overwint.
1) Vogelverschrikker. 2; Versta: die zich nooit door een ander over-
heeren liet.