Boekgegevens
Titel: Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Deel: Dl. 7-8Vitaulium $ Hofwijk $ Spaansche wijsheit $ vertaalde spreekwoorden
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 107/108
Auteur: Huygens, Constantijn; Vloten, J. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IN BEWERKING
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203253
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 162 —
673 In de Jacht en in de Min, Als men wil soo raecktm'er in; En als men kan, Soo raecktm'er van.
674 In krackeel Toomt uw' keel.
675 In 't overslaen van allerley begin Bedenckt veel wegen, en gaet éénen in.
676 Aen den Gangh en aen den Dronck Kent men Vrouwen, oud en jonck.
677 Tot in 't Scharlaken laken. Kan een quaê slagh geraken.
678 Met de schoonste stoff in d'oogen, Werdt men allerlichst bedrogen.
679 Men werpt het Net vergeefs om Vis In 't Water, daer geen Vis en is.
680 Onder Volck van boosen aerd. Alle daegh de Wetl) vergaêrt.
681 De Knecht dient, en de eer Komt niet als op den Heer.
682 Neemt maer een Besem-stock, en schickt hem op,
Het sal een Jongman schijnen als een Pop 2).
683 Weest welkom, Maymaend! zijt ghy daer? Ghy, beste Maend van 't heele Jaer!

684 Men siet geen Vyer of het verblijdt, In Somer en in Winter-tijd.
685 iJingeu, die veel lieden weteu.
• Sijn noch wijser liên secreten.
686 Het werck, dat yemant doet En 't Vier, dat hy verboet 3),
1) Het gerecht, de rechtsprekers. 2) Portugeesch, 3) Aansteek
verhra ndt.