Boekgegevens
Titel: Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Deel: Dl. 7-8Vitaulium $ Hofwijk $ Spaansche wijsheit $ vertaalde spreekwoorden
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 107/108
Auteur: Huygens, Constantijn; Vloten, J. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IN BEWERKING
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203253
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 146 -
448 Hetzij met Hoy^
Hetzij met Stroy,
Hebb' ick mip meugh gekregeu,
Aan 't Voer is niet gelegen.
449 WecBt op uw hoe voor een geteeckent Man,
En voor een Vrouw, die tweemael trouwen kan,
450 Is 't Veulen schorft en weinigh waerd,
Noch werdt het wel een lustigh Paerd.
451 Die meer niet als een Boon en geeft,
En is niet schuldigh 1), is beleeft.
452 Een Man, die altoos neêrwaert siet.
Betrouwt uw Capitaeltje niet.
453 Die luy blijft leggen op sijn nest,
Sijn Capitaeltje voelt het best;
454 Noyt goê Pijl, sonder bocht,
Uyt Verekens Steert gewrocht.
455
Hy werdt het, of hy is beroyt,
Die d* Asch vergaêrt en 't Meel
verstroyt.
456 Twee quaede tegen een gestelt,
Die eerst toe slaet, behoudt het veld.
457 Van een quaed hout,
Noyt goede bout.
458 Van éenen lap quaed Laecken,
Is noyt goed Kleed te maecken.
459 Hebt gh' een gehangen man verlost,
Hy soud u hangen als hy kost.
460 Is 't wijntjen in,
Eick seght sijn sin.
461 Ten einde van de Sop,
Gaet oock de Lepel op.
1) Verata: En niets schuldig is.