Boekgegevens
Titel: Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Deel: Dl. 7-8Vitaulium $ Hofwijk $ Spaansche wijsheit $ vertaalde spreekwoorden
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 107/108
Auteur: Huygens, Constantijn; Vloten, J. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IN BEWERKING
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203253
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korenbloemen: Nederlandsche gedichten
Vorige scan Volgende scanScanned page
AEN DEN LESER;
VOOR DE BY-SCHRIFTEN 1).
Wie is' er met sich selfs of met sijn' tijd verlegen,
Sijü' kostelicken tijd? wie soeckt naer niewe wegen,
Om lustigh leêgh te ziin ? wien stinckt 2) de Steen en 't Berd 3),
En ander arger vuyl, dat spel gerekent werdt?
Hy kerne daer ick gae, wanneer ick Haeeh en Hof wijck;
Hy blijve daer hy is, en volge my op Hoiwijck;
Hy wandele met my, en spare voet en schoen:
Hy kan sijn wellust met één oogen-blick voldoen,
üf, is sijn Üogh te luv, met een geduldigh Oor-deel 4);
Daer hooren streckt voor sien.en geeft het oogh geen voordeel;
De doove by sijn oogh, de blinde by sijn oor,
Kan voelen waer ick treê, en treden in mijn spoor.
Men hoor of sie my dan, ick stae in 5) voor 't berouwen
By alle keurige van planten en van bouwen;
Kn, ben ick niet verleidt van eigen toover-min,
Sy sullen Hofwiick bey soo vinden als ick 't vin 6).
I^och liegh ick voor de helft: de blinden sullen voor gaen,
En dobbele gonucht sal in des hoorers oor gaen
By d'enckele van 't oo»h Soo gaet het met de pen,
De Rijra-pen; want sy ieght, ten deele van gewen 7),
l)Versta: de bijgevoegde lofdichten, naar den smaak der eeuvr. 2) walfft.
S) verkeerbord. 4) Min gelukkige klankspeling. 6) vrijwaar. 6) Voor
vind. 7) gewoonte. 8) Welluidendheidshake voor deele.