Boekgegevens
Titel: Eene aanteekening op het ontwerp van wet tot regeling van het middelbaar onderwijs
Auteur: Heim, H.J. van der
Uitgave: 's-Gravenhage: W.P. van Stockum, 1862
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 540 D 45 (2)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203200
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Wet op het middelbaar onderwijs (1863), Wetsontwerpen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eene aanteekening op het ontwerp van wet tot regeling van het middelbaar onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
Art. 17. Aan de openbare hoogere bimjersc/ioleii enz.
Hier hebben wij te doen met Rijksinrigtingen, die inder-
daad beloven aan de Natie uitstekende diensten te bewijzen.
Slechts enkele vragen mogen ons hier gegund zijn :
1° Zou hier niet een afzonderlijke cursus voor Maleische
en Javaansche taal kunnen worden geopend , bijv. aan twee
der vijf Inrigtingen ?
2° Zou, zoowel hier als op de school van art. 16, muzijk
en zang geheel moeten blijven buitengesloten ?
De hier besproken Inrigtingen zullen niet slechts zijn
voorbereiding voor de Polytechnische school, maar het
eind-onderwijs leveren voor zeer velen. Ook daarom achten
wij het wenschelijk, dat iedere belangrijke Gemeente voor
eigen rekening, hetgeen natuurlijk Rijkssubsidie niet bui-
ten sluit, de zoogenaamde burgerscholen met driejarigen
cnrsus oprigte, opdat niet in den regel deze twee soorten
van scholen (artt. 16 en 17) in denzelfden geest en voor dezelfde
•soort leerlingen worden ingerigt, alleen daarin verschillende,
dat in de laatste meer leervakken gedurende meer leerjaren
worden onderwezen.
Begrijpen wij toch het doel, dat de wetgever zich voor-
stelt met de scholen in art. 17 omschreven, dan zullen
die de plaats bekleeden, van hetgeen men hier en daar
gepoogd heeft — maar met weinig goeden uitslag — te
verkrijgen van de zoogenaamde tweede afdeelingen der
Gymnasia.
Welnu, mogt bij deze wet, gelijk wij wenschen, ook de
regeling der Gymnasia plaats hebben, niets zal beletten
van de leeraren der Gemeenteschool met driejarigen cursus,
zoowel als van de Rijksscholen met vijfjarigen cursus, waar
die bestaan, partij te trekken voor het onderwijs in le-
3