Boekgegevens
Titel: Eene aanteekening op het ontwerp van wet tot regeling van het middelbaar onderwijs
Auteur: Heim, H.J. van der
Uitgave: 's-Gravenhage: W.P. van Stockum, 1862
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 540 D 45 (2)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203200
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Wet op het middelbaar onderwijs (1863), Wetsontwerpen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eene aanteekening op het ontwerp van wet tot regeling van het middelbaar onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
krijgt op de meest eenvoudige vragen uit natuurkennis of
aardrijkskunde. Verdrietig laten de leeraren, doctoren in
wijsbegeerte en letteren, geleerden en dilettanten, de lessen
steken, men roept eenvoudige onderwijzers der lagere school
te hulp; nu gaat het wat beter, de jongens cijferen weêr
leijen vol, maken opstellen, schrijven brieven; maar natuur-
kunde en scheikunde, technologie en mechanica zijn voor
altijd verdwenen. Eindelijk valt het aan het Bestuur in, dat
men toch even goed van de Industrieschool zonder industrie,
een gewone avondschool aan de lagere school kon maken,
en zoo wordt de Inrigting, wat ze altijd had moeten blijven,
een goede herhalingschool voor hen, die de dagschool heb-
ben verlaten.
Men beroepe zich op andere landen zoo veel men wil; —
ook daar is niet alles goud wat blinkt 1) — zoo veel is gewis ,
dat onze knapen der Volksschool, met moeite tot hun 12° jaar
op de lagere school gehouden, geen verder onderwijs willen
hebben, maar geld moeten verdienen, en dat, zoo zij al in
enkele gevallen nog ter schole willen en kunnen komen, zij
niet dadelijk vatbaar zijn voor onderwijs dat genoegzame
kennis van lezen en rekenen onderstelt.
Men make zich de grootst mogelijke illusiën over de vorde-
ringen van het lager onderwijs — ik hoop voortdurend vele
illusiën daaromtrent te behouden, — maar indien na een
halve eeuw het volksonderwijs der lagere school ten onzent
totaal ongeoefend is, dat, zelfs na een jaar onderwijs, de overbrenging der een-
voudigste teeken-figuren moeite kost.
2) Men leze wat bijv. onlangs de Hoogleeraar Veth getuigde: "Een blik op de
Nederlandsche volksschool, enz. uitgegeven door de Maatsch. Tot Nut van 't
Algemeen, op bladz. 69, over de lessen aau het Parijsche eonservatoiredes Arts
ct métiers, en op bladz. 93 over die van dc École professionnellc du Nord, te
Rijssel.