Boekgegevens
Titel: Eene aanteekening op het ontwerp van wet tot regeling van het middelbaar onderwijs
Auteur: Heim, H.J. van der
Uitgave: 's-Gravenhage: W.P. van Stockum, 1862
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 540 D 45 (2)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203200
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Wet op het middelbaar onderwijs (1863), Wetsontwerpen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eene aanteekening op het ontwerp van wet tot regeling van het middelbaar onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
Nog rijst een bezwaar tegen de derde alinea van art. 2.
De uitdrukkelijke aanmoediging van het verleenen van
subsidie aan bijzondere Inrigtingen achten wij verkeerd.
Reeds heeft bij het lager onderwijs dit subsidiëren veel kwaad
gedaan: die halfslachtige Instellingen, die ook volgens art. 21
niet behoeven te voldoen aan al de eischen van goed middel-
baar onderwijs, zullen, vooral indien zoogenaamde Fransche
Scholen en dergelijke Instituten scholen van middelbaar
onderwijs heeten , op vele plaatsen bestendigd worden, en
alleen strekken om de volle verpligting, welke art. 14 aan
sommige Gemeenten oplegt, te ontduiken.
Art. 4. Niemand mag middelbaar onderwijs geven, die niet
in het bezit is der bij deze Wet gevorderde bewijzen van bekwaam-
heid en zedelijkheid. Vreemdelingen behoeven bovendien onze ver-
gunning.
Vooral bij het middelbaar onderwijs zal men, niet slechts
voor het aanleeren van vreemde talen, maar ook voor andere
vakken, en niet het minst in de eerstvolgende jaren, vreem-
delingen noodig hebben.
Welke vreemdeling zal zich echter hier te lande aan een
examen komen onderwerpen, zoo hij niet reeds eene benoe-
ming of aanstellirig heeft gekregen, en hoe kan hij die krij-
gen , indien hij nog geen acte van bekwaamheid heeft erlangd ?
Zou niet een Kon. besluit kunnen aanwijzen welke buiten-
landsche acte van bekwaamheid voor de Nederlandsche kan
subintreren, waar het vreemdelingen geldt, behoudens de
Kon. goedkeuring voor ieder individu, en een soort van col-
loquium doctum binnen het jaar na de eerste aanstelling te
houden? 1)
1) Als overgangsmaatregel is reeds bij het ontwerp iets dergelijks voorge-
steld, doch op den duur zal hetzelfde noodig blijken.