Boekgegevens
Titel: Eene aanteekening op het ontwerp van wet tot regeling van het middelbaar onderwijs
Auteur: Heim, H.J. van der
Uitgave: 's-Gravenhage: W.P. van Stockum, 1862
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 540 D 45 (2)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203200
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Wet op het middelbaar onderwijs (1863), Wetsontwerpen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eene aanteekening op het ontwerp van wet tot regeling van het middelbaar onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
welke de geheele beschaafde maatschappij, zonder onder-
scheid van stand en rang, behoeft 1).
Onze Gymnasia — van enkele verouderde Latijnsche
scholen spreken we thans niet —behoeven veel verbetering ;
ook daarin, dat ze van het vele goede overnemen, dat in dit
wetsontwerp wordt voorgeschreven.
In de dagelijksche wereld bestaat die sterke afscheiding
niet tusschen den stand der geleerden en der " nijveren,"
welke sommigen aannemen, en de klove , zoo zij er is, moet
gedempt, niet verwijd worden. Niet allen, welke voor de
Hoogeschool bestemd zijn, moeten " geleerden " worden , en
geen enkele moet uitsluitend "vakgeleerde" zijn. Univer-
sele kennis kan thans niemand meer ontberen, die aan-
spraak op den naam van " beschaafd man " wil maken.
Voor elke school en bij elke opleiding is dezelfde trilogie
als grondslag aan te nemen: mathesis, grammatica, his-
toria, in rang en volgorde te wijzigen, en ook in wijze van
behandeling, bij de verschillende soort van Inrigtingen. Ge-
heel voorbij zien kan men dan bij de regeling van het onder-
wijs de toekomstige bestemming des leerlings niet; van daar
reeds hier te lande de tot stand gekomen inrigting der Gym-
nasia met twee afdeelingen, die wij daarom nog volstrekt niet
in bescherming nemen willen. Maar wij gelooven toch,
dat, waar die Gymnasia waarlijk goed zijn ingcrigt, de
studie der oude talen, de kennis van het Grieksch vooral,
1) Wat het doel en hoedanig de Inrigting der Gymnasien behoort te
zijn, welke beteekenis het onderwijs daar gegeven kan erlangen, is reeds in
1860 op uitstekende wijze ontwikkeld door Dr. A. J. Vitkinga, in zijn
boekje " Tegenwoordige toestand en pJan tot hervorming van het middelbaar
^ onderwijs.^' Arnhem bij Thieinc. — Geheel anders denkt over de Inrigting
der Gymnasia de lloogleeraar P. Uakïing, blijkens zijn werkje „Gedach-
ten over het hooger onderwijs. Zie aldaar o. a. bladz. 30 en 199.