Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
raaqsels. 57
derzelver voedfel hem veel meer kost dan het
mijne.
60. Ik draag lasten over wqde watervloeden,
vereenig uitftekende hoeken van Jleile hoogten,
en blijf nogtans ftil fl:aan.
61. Alleenlijk zoo lang men het zoekt, is het
eigenljjk hetgene het is.. Zoo haast men het
gevotden heeft, houdt het op te zqn wat het
was.
62. Er ftierf een zevenjarig kind, dat deszelfs
geboortedag flechts eenmaal beleefd had. Hoe
ging zulks toe?
63. Wat zou gisteren zijn, en is er ihorgen
geweest ?
64. Twee perfonen hadden elk een zeker
getal appelen. De een zeide: „ geef mij
„ twee van uwe appelen, dan heb ik evenveel
„ als gij." De andere antwoordde: „ geef
„ mij twee van de uwen, dan heb ik juist
_ eenmaal zoo veel als gq." Hoe vele appelen
had nu elk van die perfonen ?
65. Iemand werd eens gevraagd, hoe oud z^n
vader en grootvader waren, en hoe oud hq zelf
was. Hij antwoordde: „ mijn vader en ik zqn
„ 54 jaren oud. Mijn vader en mijn grootvader
„ zijn 109 jaren. En mijn grootvader en ik
„zqn 85 jaren." Hoe oud was nu elk van
die lieden ? '
D 5 65.