Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
MATIGHEID, ENZ. 317
„ „ mijne klagtbrieven niei van mijn' braven
j, „ patroon wegnaamt. Anders had ik mis-
„ fchien de kunst nog niet geleerd, om
y, „ veel, dat ik toch niet hebben kan, te
„ ontberen, zonder misnoegd te wezen."" »
Toen dit verhaal geëindigd was, zeide de
verflandige govert: „ vader! ik wil heden vaii
„ dezen kost niet eten!" De andere kinderen
namen zulks ook voor, en hielden woord; en
het was na den maaltijd, als of zij eene klei-
ne heldendaad gedaan hadden; zoo vrolijk en
welgemoed was dat jonge goed.
Sedert dien tijd oefenden zjj zich meermalen
düarin, dat zij zich menige dingen ontzeiden,
die zij hadden kunnen krijgen; en die oefening
kwam hun, in het vervolg, uitnemend te flade.
Zü waren niet äanftonds misnoegd, wanneer
menig ding, dat zij wel gewenscht hadden^
niet gefchieden kon.
C X X X.
De ontevreden hans ; of, de fchuld lag
hij hem zehcn.
Hans was wel geen rijke, maar evenwel een
vrij gegoede boer. Hij bezat zoo veel land,
als er bi.i eene boerderij noodig is, twee fchoo-
ne ftukken weiland, en bq zqn huis een'
tuin