Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
28a EERGIERIGHEID,
Konstantijn had een paar witte zijden koufen
van zijne ouders ten gefchenke bekomen; die
trok hij aanftonds aan, opd&t een ieder ze zien
mogt, offchoon het dien dag morfig, regenachtig
weder was. Dus uitgedoscht verfcheen hij in de
fchool. „ Wel zooriepen 'eenige knapen,
fpottende, „ hebt gij wél zijden' koufen aan ?
„Ei! Ei! gij treft juist allerliefst weêr daarop.
„ Zij zullen door den regen vast nog' witter
„ worden. Maar kqk hier achter toch eens;
„ dat is vast een fpatje!" (hij had, namelijk,
zijne koufen van achteren reeds bemorst.) Zoo
plaagden de jongens hem; en offchoon dat juist
niet braaf van hen was, maakte konstantijn
zich daarover zoo kwaad, dat hy bykans huilde.
Konstantijn klaagde aan zijne ouders, dat
de fchdoljongens hem zoo voor den gek gehou-
den hadden. „ Malle höovaardige jongen !" zei-
de zijn vader tegen hem; „ wie zal toch in zulk
„ een weêr witte zijden koufen aantrekken ? Zoo
„ gij intusfchen uwen belachgelijken hoogmoed
„ niet aflegt, zult-gij immer zoo dwaas hande-
„ len, en ook fteeds menfchen vinden, die u
„ plagen en verdriet aandoen. Als een mensch
„ door ijdele hoovaardij gedreven wordt, maakt
„ hij alle menfchen afkeerig van zich."
Konstantijn ondervond, ook toen hij reeds
ouder was, nog meermalen, hoe waarachtig het
was.